donderdag 22 oktober 2015

Vuurtorens in Nederland (9) Katwijk.

vuurtoren Katwijk


Een van de oudste vuurtorens die helaas niet meer als zodanig functioneert is de vuurtoren van Katwijk, boven de toegangspoort van de vuurtoren vindt men het jaartal 1605.

Katwijk was in de Romeinse tijd een belangrijke handelsplaats en steunpunt, daarna trad spoedig verval in pas na 1200 vestigden er zich rond Katwijk kleine vissersgemeenschappen, vissers in die tijd woonden in vissershutten.
In 1388 kwam ook de vismarkt naar Katwijk, het dorp groeide uit tot een belangrijke vissersplaats, na 1880 is Katwijk ook bekend als badplaats, de plaats trok ook veel kunstenaars.
Voor 1605 beschikte Katwijk over een houten vuurbaak, in 1605 vroegen de vuurboetmeesters aan de Staten van Holland subsidie voor het bouwen van een nieuwe (stenen) vuurbaak men kreeg op 3 augustus van dat zelfde jaar toestemming voor het bouwen van vuurbaak tegen een jaarlijkse rente.
de rente werd betaald uit het vuurgeld dat de schippers jaarlijks betaalden.
Boven op de vuurbaak werd een open houtvuur gestookt later werden dat kolen.
Rond 1850 verscheen er een huisje op platte dak van de baak, daarin werden olielampen en reflectoren geplaatst.
In 1901 werd de toren opgeknapt de muren van de toren werden verzwaard.
Het licht van de vuurtoren werd in 1916 gedoofd toen de laatste bomschuit uit Katwijk was verdwenen, de vuurtoren was er louter voor de vissers geweest en die waren naar of IJmuiden of Scheveningen vertrokken de visafslag bleef wel in Katwijk.
De toren heeft tussen 1920-1930 als opslag voor gist gediend.
Tijdens de Duitse bezetting overleefde de toren de bouw van de Atlantik wal, waarvoor in Katwijk 
de boulevard met de grond gelijk werd gemaakt.
Sinds 1968 is de oude vuurtoren zomers opengesteld voor het publiek, op het plein voor de toren staat een oude bomschuit die aan het visserij verleden van weleer herinnerd.
De 14 meter hoge toren is aan de zuid west kant van het dorp te vinden.





dinsdag 20 oktober 2015

Europese ruimtevaart (2).

lancering Ariane 5

De ESA maakt gebruik van de Ariana raket, de eerste lancering van de Ariane 1 vond plaats op 24 december 1979.
De Ariane 2, 3, 4 waren vergrote versies van de Ariane 1.
De Ariane 5 is een geheel nieuw ontwikkelde tweetrapsraket, de Ariane wordt in Europa in delen gebouwd en daarna naar Frans Guyana verscheept waar het verder wordt geassembleerd.
Het was de bedoeling dat de Ariane 5 de Hermes de ruimte in zou brengen (Hermes ontwerp van een klein soort Space Shuttle), maar dit project is stopgezet.
Nu is het zo dat de grote van de Ariane afhankelijk is van de zwaarte van de lading en kan dus variëren.
Inmiddels hebben er sinds 1996 ruim 80 lanceringen plaatsgevonden, niet allemaal even succesvol.
Inmiddels is men begonnen aan het ontwerp van een Ariane 6 raket die in 2020 voor het eerst gelanceerd zal moeten worden.
Ook de Vega raket maakt inmiddels deel uit van het ESA arsenaal, de Vega is een draagraket waarbij kleine tot middelgrote kunstmanen kunnen worden gelanceerd.
Op de ontwikkelingskosten werd flink bespaart doordat veel gebruik is gemaakt van de kennis die met de bouw van de Ariana is vergaart. De eerste lancering vond plaats in februari 2012.
Ook de Sojoez- 2 draagraketten worden tegenwoordig in opdracht van de de ESA vanaf Kourou Frans Guyana gelanceerd, op 21 oktober 2011 werd de eerste Sojoez met aan boord twee Galileo satellieten gelanceerd.
De eerste Europese ruimtevaarders komen uit het voormalige Warshaw pact en zijn dus eigenlijk kosmonauten: Prunariu Roemenië, Farkas Hongarije, Remek Tsjecho-Slowakije, Hermaszewski Polen, Jahn Oost-Duitsland en Ivanov en Aleksandrov uit Bulgarije.



maandag 19 oktober 2015

TESO Texels eigen.




dokter Wagemaker



Als men naar Texel gaat en men komt van den Helder moet men de veerboot nemen.                       De veerdienst van en naar Texel onderscheidt zich van andere veerdiensten elders.
De Koninklijke N.V. TESO Texels eigen Stoomboot Onderneming, dat "eigen" zegt eigenlijk veel.
De TESO is in 1907 ontstaan uit een vereniging die werd opgericht uit ontevredenheid over de toen bestaande oeververbinding nl. de Vereniging Nieuwe Texelsche Stoombootdienst.
De Alkmaarse rederij Alkmaar Packet onderhield in die tijd de verbinding maar over de kwaliteit en de prijs waren de eilanders niet te spreken.
In 1908 werd de vereniging omgezet in de N.V. TESO en dit alles op initiatief van een huisarts uit Texel, A. Wagemaker.
Twee weken later maakte de door de TESO gehuurde boot de "baron Rengers" de eerste oversteek.
Het startkapitaal bedroeg Hfl. 75.000 en werd door de eilandbewoners bijeen gebracht, de 3.650 aandelen zijn eigendom van zo'n 3.100 Texelaren.
Sinds de oprichting zijn er nooit nieuwe aandelen uitgegeven, dit om de aandelen in Texel te houden, er wordt geen dividend uitgekeerd, de aandeelhouders kunnen een aantal gratis overtochten per jaar maken.
De TESO onderhield tussen 1950-1960 kortstondig de veerdienst tussen Vlieland en Harlingen, ook het busvervoer op Texel is in handen van de TESO geweest.
Vroeger was Oudeschild de veerhaven op Texel, in 1962 werd 't Horntje als nieuwe veerhaven op   Texel geopend.
Het massatoerisme zorgde er voor dat het wegennet op Texel werd aangepast aan de toename van
auto's vanaf het vasteland.
In de tachtiger jaren werd de eerste dubbeldeks veerboten aangeschaft.
Sinds de aanschaf van de SS Dageraad de eerste door de TESO aangeschafte veerboot, werden er tot nu nog eens 15 veerboten aangeschaft als laatste de Texelstroom die op dit moment in Spanje wordt afgebouwd en vanaf 2016 de veerdienst zal gaan verzorgen.
Ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan werd de TESO in 2007 het predicaat Koninklijk verleend.
Momenteel verricht de gemeente den Helder een studie om de aanlanding te verplaatsen naar elders, dit om vooral in de zomer file's door de stad naar de veerhaven te verleggen.



vrijdag 9 oktober 2015

Koninkrijk Friesland?

Kaart van het Friese Rijk toen het op zijn grootst was (650-734)
het koninkrijk Friesland

De opmerking dat Friesland ooit een koninkrijk is geweest zal bij menigeen verbazing, schouder ophalen, of een lachbui teweeg hebben gebracht.
Het koninkrijk Friesland heeft een paar honderd jaar bestaan.
Op het hoogtepunt aan het begin van de 8e eeuw na christus bestond het uit een brede strook langs de Noordzee kust van Duinkerken tot aan Bremen.
De Friezen woonden in kleine nederzettingen gebouwd op terpen, men leefde van de veeteelt, visserij en handel.
De koning zelf had weinig in te brengen, alleen als er oorlog uitbrak dan had de koning macht.
De eerste Friese koning van wie wij iets weten was Finn Folcwada, hij voorde oorlog tegen de Denen en wordt o.a. vermeld in het Engelse middeleeuwse gedicht Beowolf, hij leefde rond de 5e eeuw na Christus, of er voor hem nog andere koningen waren verteld de geschiedenis niet.
De tweede koning Aldgist leefde tussen 650 en 680 en had zijn hof in Dorestad.
In die tijd floreerde de handel met Noord-West Europa en Oost Europa en Friesland kende rijkdom,
Friese zeelui waren tot in de Middellandse zee te vinden.
Aldgist werd opgevolgd door Redbad een eerzuchtig persoon.
Spoedig was er oorlog met de Franken, een oorlog die zeven jaar duurde, Redbad verloor het van de Frankische leider Pippijn.
Toen er na de dood van Pippijn een machtsstrijd uitbrak twijfelde Radbad geen moment en trok naar het zuiden om de voormalige Friese gebieden te heroveren en trok zelfs verder tot in Keulen.               Toen de opvolger van Pippijn, Karel Martel zijn handen vrij had na de overwinning bij de slag bij Portiers in 732, besloot hij een eind te maken aan de Friese dreiging en trok noordwaarts.
Redbad was inmiddels overleden en opgevolgd door koning Poppo, die was onervaren en niet opgewassen tegen de Franken en leed de een na de andere nederlaag.
Het koninkrijk Friesland werd steeds kleiner en in 734 volgde de slag aan de Boorne, (gebied tussen Aldeboarn en Jirnsum)de Franken hadden een leger dat twee maal zo groot was (5.000) als dat van de Friezen (2.500).
Koning Poppo was een van de eerste die sneuvelde op het slagveld zijn dood maakte een eind aan het koninkrijk Friesland.


Een zilveren munt uit de tijd van koninkrijk Friesland is de Sceatta (oud woord voor rijkdom komt ook het woord schat vandaan)deze munt was tussen 650 en 755 in gebruik.

donderdag 8 oktober 2015

Vuurtorens in Nederland (8) den Helder.



"Lange Jaap" den Helder






Huisduinen behoorde in de vroege middeleeuwen tot de gouw "Texla" veel later ontstond Helder,
beide dorpen lagen in die tijd op een eiland men zou nu van een waddeneiland spreken.
Tijdens de Allerheiligenvloed van 1570 gingen beide dorpen Huisduinen en Helder verloren, de dorpen werden verder landinwaarts opgebouwd, door een zanddijk die werd aangelegd tussen Huisduinen en Callantsoog was het gebied geen eiland meer.
In de 19e eeuw maakte den Helder een grote bloei door, dankzij de aanleg van een marine haven waarin in de Franse tijd een begin was gemaakt en na 1815 verder werd uitgebouwd met werven.
Huisduinen bleef zelfstandig en kreeg een eigen fort "Kijkduin".
Zeker is dat er op 1598 een vuurbaak stond op het Kijkduin, aanvankelijk werd het s' winters gebruikt
na 1771 dagelijks het hele jaar door. 
Amsterdam was verantwoordelijk voor de waterweg markering rond het Marsdiep en zal de kosten van het vuurbaak hebben betaald.
In 1814 werd een nieuwe vuurbaak aangelegd die in 1822 werd vervangen door een vierkante toren op het fort "Kijkduin".
In 1877 werd de vuurbaak vervangen door een veel hogere toren op een locatie ten noorden van het Fort Kijkduin vlakbij Huisduinen.
Op 1 april 1878 werd het licht ontstoken, de zestien kantige toren is 57 meter hoog en lange tijd de langste vuurtoren van Nederland geweest vandaar de bijnaam "Lange Jaap".
In de beginjaren van de TV is de toren teven tv-mast geweest voor de ontvangst van Nederland 1, nadat de zendmast in Wieringen gereed was verviel deze functie.
In 1979 werd de Lange Jaap voorzien van radar.
Het licht van de vuurtoren heeft een bereik van 55 kilometer en is vanaf de waddeneilanden Texel en Vlieland goed te zien.



dinsdag 6 oktober 2015

Europese ruimtevaart het begin.

lanceerbasis Kourou Frans Guyana

De Europese ruimtevaart organisatie ESA werd in 1975 opgericht.
De  ESA ontstond uit de ESRO European Space Research Organisation (de ESRO leverde tussen 1964 en 1975 raketten en satellieten aan de deelnemende landen) en de ELDO de European Launcher Development Organisation.
Er zijn landen die lid zijn van de ESA maar niet van de Europese Unie en omgekeerd in totaal gaat het om 22 landen plus Canada, Canada is een geassocieerd lid van de ESA.
Daarnaast zijn er nog 10 landen die willen worden toegelaten.
Ook zijn er landen die naast het lidmaatschap van ESA een eigen ruimtevaart programma hebben
zoals Italië en Frankrijk (CNES).
De officiële talen door ESA gebezigd zijn: Engels, Frans en Duits.
Bij de ESA werken meer dan 2.000 medewerkers en men heeft een budget van € 4,4 miljard,
het geld wordt door de lidstaten opgebracht daarnaast draagt de EU bij.
De ESA houdt zich bezig met bemande ruimtevaart door participatie in het internationale ruimte station ISS en het lanceren van onbemande ruimte missies naar de Maan en andere planeten,
de observatie van de Aarde, wetenschap en telecommunicatie.
Het hoofdkwartier van de ESA is gevestigd in Parijs Frankrijk.
De lanceerbasis van de ESA bevind zich in Kourou op Frans Guyana, ESTEC in Noordwijk Nederland is de grootste locatie en tevens het technische hart van ESA, ESOC het  mission control is gevestigd in Darmstadt Duitsland, het ESRIN voor de observatie van de aarde in Frascati in Italië, het EAC het centrum dat astronauten opleid voor ruimte missies is gevestigd in  Keulen Duitsland en tot slot het Europees centrum voor astronomie ESAC dat gevestigd is in Madrid Spanje. 

maandag 5 oktober 2015

Jan Zoetelief Tromp vergeten schilder (slot).

V36D
periode Katwijk aan Zee


In 1896 werd hij lid van het kunstenaars genootschap Pulchri Studio een bolwerk van schilders van de Haagse School. Gedurende de periode 1893-1900 staat het menselijk figuur centraal in de aquarellen en schilderijen die Zoetelief dan produceert.                        
Een van die bekende schilders waar hij regelmatig op bezoek kwam was Bernard Blommers, daar leerde hij de dochter van Blommers, Marie leren kennen, zij trouwden in 1899, getuige was Hendrik Mesdag.
Hij werd steeds bekender en verkocht meer schilderijen.
Na enkele jaren laat het echtpaar een huis in Blaricum bouwen waar zij tussen vele andere kunstenaars van die tijd gingen wonen, zomers verbleef het echtpaar in Katwijk aan Zee waar Jan veel inspiratie opdeed.
In Blaricum worden vele boeren taferelen geschilderd en zijn zijn eigen kinderen figurant, tijdens deze periode neigt Zoetelief Tromp richting Larense School.
Ook krijgt hij in deze periode opdrachten voor de geïllustreerde weekbladen.
De banden met de Haagse school worden steeds nauwer, kunsthandelaren presenteerden het werk van Zoetelief Tromp steeds vaker met dat van de Haase School.                                                             In 1907 is hij vertegenwoordigd op de Biennale in Venetië.
Er volgt internationale erkenning: in 1904 de bronzen medaille van de Wereldtentoonstelling in St.Louis  en in 1915 de bronzen medaille op de International Panama Pacific Exposition.
Veel van zijn werk wordt in het buitenland verkocht en onder andere naar kunsthandelaren in London, New York en Montreal.
Tijdens de periode 1914-1918 gaat het bergafwaarts, de kunsthandel zakt ineen, het huis in Blaricum moet worden verkocht, in 1919 heeft men zich permanent in Katwijk aan Zee dan een kunstenaars bolwerk gevestigd, dat zelfde jaar ontving hij de ere medaille van de stad Amsterdam.
In Katwijk maakt hij het ontwerp voor het gebrandschilderd raam "de Klijnhaalder" voor de oude kerk in Katwijk aan Zee.
Hier schildert hij de bekende strandtaferelen, de visserij en met name de schelpenkarren.
Het wordt er in de wereld allemaal niet beter op na de beurskrach volgt er een diepe depressie, zaken waar de kunstenaars mede het slachtoffer van worden.
Het echtpaar Zoetelief Tromp vertrekt naar Frankrijk en wel naar een kippenboerderij "le Tournesol"
bij het plaatsje Breteuil sur Iton circa 100 kilometer ten westen van Parijs hun oudste zoon was hun al voorgegaan.
Vooral in het begin is het leven er vrij primitief.
Hier ging Jan ander werk schilderen: familie en kinderportretjes en bloemenstillevens, maar zowel de kunsthandel in Amsterdam als de salon in Parijs hadden liever het werk dat hij in Blaricum en Katwijk aan Zee had geproduceerd.
Zijn schilderij "Dans le Dunes" hing in 1930 in de salon Des Independants in Parijs , werd bewonderd maar.... niet verkocht.
De tweede wereldoorlog volgde al zijn kinderen op de jongste na waren elders, het waren moeilijke tijden voor het gezin, zijn vrouw Marie stierf in 1946.
Jan Zoetelief Tromp sterft op 28 september 1947, vergeten, hij wordt op het kerkhof bij Saint-Denis du Behelan begraven.

T19D
Oost Indische kers (Franse periode).