Posts tonen met het label W.I.C.. Alle posts tonen
Posts tonen met het label W.I.C.. Alle posts tonen

vrijdag 14 december 2018

Hollanders in Brazilië

beeld Johan Maurits Recife Brazilië 

Nova Hollanda ontstond door inspanningen van de W.I.C., een expeditie leger onder Hendrick Lonck en generaal Waardenburg veroverde in 1630 noordelijk Brazilië op de Portugezen, aanvankelijk zocht men naar havens om van daaruit de Spaanse zilvervloten te kunnen aan vallen.
In 1637 werd Johan Maurits vanuit de Republiek naar Brazilië gestuurd, hij stichtte Mauritsstad (nu onderdeel van Recife)zorgde voor godsdienstvrijheid, stimuleerde suikerproductie (en daarbij ook de slavenarbeid), ook liet hij onderzoek doen naar de flora en fauna, ziektes en geografie. Tot in 1654 kon de Hollandse kolonie worden gehandhaafd. Het aantal emigranten vanuit de Republiek liet ernstig te wensen over waardoor er in de kolonie een Hollandse minderheid ontstond.  De grote tegenstellingen met de katholieke bewoners van Spaanse en Portugese afkomst leidden op den duur tot opstanden die vanuit het zuiden van Brazilië werden ondersteund. In 1645 brak een opstand uit gevolgd door een jungle oorlog. In 1654 waren de Hollanders in de Republiek niet meer in staat hun landgenoten in de kolonie bij te staan (de eerste Engels-Nederlandse oorlog was uitgebroken) en werden de Nederlandse kolonisten door de Portugezen verdreven. De Republiek eiste teruggave waarna dit in 1654 tot een oorlog met Portugal leidde, in 1661 bij de vrede van den Haag beloofde Portugal 63 ton goud te zullen betalen voor de gebieden die verloren waren gegaan in Brazilië.  De som zou slechts ten dele worden betaald.
Na het koloniale verleden ontstonden er in de 19e en 20ste eeuw een ander soort interesse in Brazilië.
Rond 1856 werd met behulp van emigratie kantoor Steinmann & Co. uit Antwerpen geprobeerd Nederlanders naar Brazilië te laten emigreren en wel naar nieuwe landbouw kolonies met name Zeeuwse landarbeiders werden met een vrije overtocht en gratis grond tegen een aantrekkelijke prijs naar Brazilië gelokt. Nederzettingen zoals Espirito Santo en Hollanda zijn bekend, de kolonie Hollanda bestaat nog steeds en er word nog iets wat op Zeeuws en Vlaams lijkt gesproken.
Tussen 1908 en 1910 trokken ruim 2.000 emigranten naar Brazilië maar dit liep voor de helft zo slecht af dat zij moesten worden gerepatrieerd. De nederzetting Carambei in de deelstaat Paruna overleefde mede door haar homogeen karakter. Na de Tweede Wereldoorlog volgde een nieuwe golf Nederlanders, gesticht werden: Holambra in San Paulo en Castralanda nabij Carambei en Monte Alegre in Parana. Na 1975 volgden Nederlanders op individuele basis.
De groepsvestigingen van weleer worden nu getransformeerd tot toeristische trekpleisters.

ingang kolonie Holambra

vrijdag 18 augustus 2017

Curaçao werd op 21 augustus 1634 veroverd op de Spanjaarden.

Willemstad Curaçao

Curaçao is een eiland van de Benedenwindse eilanden voor de Venezolaanse kust liggend in de Caraïbische zee.Het eiland maakt deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden tot 10 oktober 2010 maakte het deel uit van de Nederlandse Antillen, de hoofdstad is Willemstad. De oorspronkelijke inwoners waren indianen waarvan tot 2.900 v.chr. sporen zijn gevonden.
In 1499 kwam Curaçao in Spaanse handen, de indianen werden als slaven weg gevoerd, Curaçao werd vanuit Venezuela bestuurd, in die tijd was er veel veehouderij op het eiland.
Vanwege de strategische ligging en de aanwezigheid van zowel zout als hout, raakte de W.I.C. geïnteresseerd in het eiland, Curaçao was in Spaanse handen, men had op het eiland een bezettingsmacht van slechts 32 man onder het bevel van Lope Lopez de Morla.
Johannes van Walbeek landde met 200 man op het eiland, de Spanjaarden werden achtervolgd en er vonden kleine schermutselingen plaats, in 3 weken veroverde van Walbeek het op eiland, op 21 augustus 1634 gaven de Spanjaarden zich over.
Binnen een week werden zij met een groot gedeelte van de oorspronkelijke bevolking overgebracht naar het vasteland van Venezuela en daar vrijgelaten.
Van Walbeek wou van de indianen af omdat hij ze niet vertrouwde en omdat zij niet tot de protestantse religie behoorden, slechts een klein aantal indianen bleef achter( ongeveer 20 gezinnen)
in dienst van de Hollanders.
De W.I.C. legde spoedig fortificaties aan o.a. fort Amsterdam, door het verlies van Nederlands Brazilië in 1654 werd Curaçao steeds belangrijker, men had nl. vanuit Curaçao makkelijk contact met de omringende eilanden en Nieuw Nederland.
Vanaf 1665 werd het eiland het middelpunt van slavenhandel, slaven werden vanuit West Afrika aangevoerd op Curaçao konden ze op krachten komen en werden vervolgens verhandeld.
Omdat de W.I.C. Curaçao in 1674 tot vrijhaven verklaarde werd het een van de welvarendste eilanden in het Caraïbisch gebied.
Toen de W.I.C. in 1791 ophield te bestaan werd  werd het eiland een kolonie.
In 1800 en 1807 werd het door de Engelsen veroverd in 1816 werd het weer Nederlands.
In 1845 werd Willemstad op Curaçao de hoofdstad van Curaçao en onderhorigheden zoals dat toen heette pas in 1863 werd de slavernij afgeschaft.
Men leefde van handel, landbouw en visserij, de belangrijkste werkgever in de vorige eeuw werd de olieraffinaderij van Shell, in 1954 kreeg het eiland politieke autonomie.
Shell verdween in de jaren tachtig waarna de raffinaderij werd over genomen door een Venezolaans bedrijf, tot 2010 maakte Curaçao deel uit van de Nederlandse Antillen.
Nederland heeft met Parera een permanente basis op het eiland,vanwaar uit veel tegen de hedendaagse drugsmokkel wordt ondernomen.
Het eiland leeft thans voor een groot deel van het toerisme (half miljoen bezoekers per jaar) en is een van de welvarendste landen in de regio.


maandag 23 mei 2016

Nieuw Nederland: Henry Hudson en Stuyvesant 1609-1664.

Henry Hudson


kaart Nieuw Nederland


Henry Hudson werd tussen 1565 en 1570 geboren, Voordat hij voor de Hollanders ging werken was
hij al bekend als ontdekkingsreiziger. hij had in opdracht van de Muscovy Company al reizen ondernomen om de noord oostelijke en noord westelijke doorvaart te vinden, hij had daarbij de kusten van Spitsbergen en Jan Mayen eiland verkend, in een volgende reis zocht hij naar een doorgang tussen Spitsbergen en Nova Zembla, vanwege zijn kennis omtrent de noordelijke routes werd hij door de V.O.C. aangezocht.
Na een mislukte poging om in opdracht van de V.O.C. via het noorden een vaarweg naar Azië te vinden besloot Henry Hudson tegen de orders van de V.O.C. in zijn koers te verleggen naar het noordwesten om een alternatieve route naar de "Oost" te vinden.
In september 1609 kwam hij aan boord van de "Halve Maen" aan bij een natuurlijke haven van het latere New York, hij ging van boord en ontmoette er indianen, hij voer later een brede rivier op die later naar hem zou worden vernoemd nl. de Hudson rivier, bij Albany werd de rivier te smal en moest hij keren.
Toen hij in Holland verslag uit bracht werden een aan aantal Hollanders enthousiast en konden niet wachten naar het nieuwe land te gaan. Bekend zijn de tochten van Block en May in 1610, 1613 en 1614 naar het gebied dat door Henry Hudson in kaart was gebracht er verschenen handelsposten en er werd ruilhandel gedreven.
Met Henry Hudson liep het slecht af toen hij onder Engelse vlag in april 1610 richting Canada voer bereikte hij Labrador, in juni 1611 brak er muiterij uit op de "Discovery", Hudson zijn zoon en 7 bemanningsleden werden in een sloep overboord gezet, niemand heeft ooit meer iets van hen vernomen.
Na de oprichting van de W.I.C. in 1621 werd het gebied officieel bestempeld tot de kolonie Nieuw Nederland, in 1624/1625 vertrokken de eerste kolonisten richting Manhattan.
Op de zuid punt van Manhatten werd rond 1625 het fort Amsterdam gebouwd, hier staat nu het U.S. Customs house en het National Museum of the American Indian.
In 1629 werd door de W.I.C. besloten tot het systeem van patroonschappen, een patroon was een investeerder in een stuk land dat hij ging exploiteren, zo ook de Rensselaerswijck langs de oevers van de Hudson (nu de stad Rensselaer).

Stuyvesant werd in 1592 in Friesland geboren, hij werd in 1642 directeur generaal van Curaçao, bij gevechten tegen de Spanjaarden verloor hij zijn rechter been, in 1647 kwam hij naar Nieuw Nederland. Met de indianen kon hij goed opschieten met de Engelsen minder.
In 1653 kreeg Nieuw Amsterdam van de Republiek stadsrechten, het was toen gedaan met de alleen heerschappij van Stuyvesant. Hij viel slecht bij de Hollandse burgers die dan ook weigerden hem te helpen Nieuw Amsterdam tegen de Engelsen te verdedigen, op 6 juni 1664 tekende Stuyvesant de overgave, Nieuw Amsterdam werd New York.
In augustus 1673 werd New York heroverd door Corn. Evertsen de Jonge, bij de Vrede van Westminster op 19 februari 1674 werd definitief afgesproken dat New York Engels werd en werd geruild voor Suriname.

enkele verengelste nederlandse namen in New York:
Konijnen eiland     Coney island
Brede weg             Broadway
Boswijk                 Bushwick
Breukelen              Brooklyn
s Gravensande       Gravesend
Heemstede             Hempstead
Jonkersland            Yonkers
Jonas Broncks        the Bronx
brouwerij


Peter Stuyvesant

















maandag 9 mei 2016

de vergeten Noordse Compagnie.

walvisvangst nabij Spitsbergen
Dat er naast de Verenigde Oost Indische Compagnie (1602) en de West Indische Compagnie (1621) nog een Compagnie heeft bestaan is maar weinig bekend.
Op 27 januari 1614 wordt door de Staten Generaal octrooi verleend aan de Noordse Compagnie dat hiermee het alleenrecht kreeg op de walvisvangst op de kust van Nova Zembla tot Straat Davis met de tussen gelegen eilanden Groenland, Spitsbergen en Bereneiland, binnen 6 weken na publieke afkondiging kon men toetreden.
Alle grote Nederlandse havens uit de 17e eeuw hadden een kamer in de compagnie: Hoorn, Enkhuizen, Rotterdam, Delft en Amsterdam, later gevolgd door Middelburg, Vlissingen, Veere. Stavoren en Harlingen. Elk van de kamers waren zelfstandige ondernemingen met een eigen kapitaal.
Drie maal per jaar stelde de vergadering van bewindvoerders het beleid van de Noordse Compagnie vast, gemiddeld voeren zo'n 20 schepen uit om walvissen te gaan vangen.
Bij Spitsbergen en Jan Mayen eiland, waar de Noordse compagnie over landstations beschikte werd walvisspek tot traan gekookt en in vaten gestopt.
Voor elke tocht die een kamer van de Compagnie organiseerde stortten een aantal personen geld, na afloop van de tocht werd de winst verdeeld.
De Compagnie was belangrijk om sterk te staan in conflicten met Engelsen en Denen over toegang tot de vangstgebieden en had in de Republiek jaren lang het handelsmonopolie voor traan in handen.
De rechten die de Compagnie in gebieden had werden ondersteund door oorlogsschepen van de Admiraliteit.
Het door de Staten Generaal verleende octrooi werd na 1617 iedere keer met vier jaar verlengd tot in 1642, toen stopte de Noordse Compagnie, de V.O.C. leverde meer op winst op en ook de in 1621 opgerichte W.I.C. trok kapitaal weg, een formele opheffingsvergadering werd nooit gehouden.      
De kennis die de Noordse Compagnie had vergaart vormde de basis van de vrije Nederlandse walvisvaart na 1642. 
Michiel de Ruyter voer tussen 1633 en 1635 als stuurman op de "Groene Leeuw" voor de Noordse Compagnie op Jan Mayen eiland.
Aan de Keizersgracht staan nog drie Groenlandse pakhuizen. Deze pakhuizen zijn in opdracht van de kamer van Amsterdam gebouwd, in deze pakhuizen waren een 60 tal bakken van 2 bij 4 meter gemetseld om de traan afkomstig uit de schepen op te vangen.
Deze Groenlandse traan werd na het seizoen een tijdje opgeslagen en werd op de markt gebracht als de traanprijs was gestegen.



maandag 11 april 2016

Jacob Roggeveen de ontdekker van Paaseiland.

Paaseiland.


Jacob Roggeveen werd op 1 februari 1659 in Middelburg geboren als zoon van een wiskundige, Arent Roggeveen en zijn vrouw Maria Storm.
De vader van Jacob was ook cartograaf bij de V.O.C. kamer in Zeeland en was geïnteresseerd in de Stille Zuidzee en Zuidland, toen vrij onbekend, hij ontwikkelde een plan voor een reis naar die streken maar door omstandigheden kwam het er niet van.
Jacob Roggeveen was van 1693 tot 1706 notaris in Middelburg en promoveerde in 1690 als doctor in de rechten aan de universiteit van Harderwijk, hij vertrok naar Indië waar hij van 1706 tot 1714 raadsheer voor de V.O.C. in Batavia was.
In 1715 keerde hij naar Middelburg terug waar hij een nogal omstreden boek voor die tijd, afkomstig van Pontiaan uit Hattem ging publiceren, Jacob werd Middelburg uitgezet en ging in Arnemuiden wonen waar hij ook het tweede en derde deel van het omstreden werk uitgaf.
Hij besloot, toen het hem te heet onder de voeten werd, het plan van zijn vader uit te voeren en Zeeland achter zich te laten.
Hij kreeg toestemming van de W.I.C. om een reis te maken naar het onbekende Zuidland, hij kreeg hiervoor de beschikking over drie schepen, op 1 augustus 1721 vertrok hij.
Hij rondde Kaap Hoorn en kwam in de Grote Oceaan, hij bezocht de Fernandes eilanden en bereikte op 5 april 1722 eerste Paasdag een onbekend eiland dat hij Paaseiland doopte, via de Genootschapseilanden en Samoa waar een van de drie schepen zonk bereikte hij Batavia.
In Batavia aangekomen werden zijn schepen in beslag genomen en werd Roggeveen en zijn bemanning in de gevangenis geworpen. De V.O.C. beschuldigde Roggeveen (werkend voor de W.I.C.) dat hij het monopolie van de V.O.C. had doorbroken,na enige tijd werden zij met een retour vloot van de V.O.C. naar huis teruggestuurd.
Roggeveen arriveerde op 4 juli 1723 op Texel, hij had Paaseiland ontdekt en niet het Zuidland, zijn missie was mislukt.
In Middelburg ging hij weer (omstreden) boeken uitgeven, hij overleed in Middelburg op 31 januari 1729.

Jacob Roggeveen

vrijdag 19 februari 2016

Vuurtorens in Nederland 20 Texel.

Vuurtoren Texel in de avond.



Het meest opvallende baken van Texel is de rode vuurtoren van Eierland op de noordkant van het eiland.
Texel heeft een rijke maritieme historie, de rede van Texel, een ondiep gedeelte van de Waddenzee langs de zuid-oost kust van Eierland, schepen die vanaf de Zuiderzeeplaatsen en Amsterdam vertrokken gingen voor de rede van Texel voor anker om bij gunstige wind uit te  varen.
Vanuit Texel werden de schepen bevoorraad met proviand en water tevens werden er bemanningen ingescheept. Ook lag de rede met V.O.C. en W.I.C. schepen, walvisvaarders en oorlogsschepen, loodsen voeren af en aan.
Bij Oudeschild verscheen in 1574 het fort de Schans met het doel de vaarroute door het Marsdiep te beschermen tegen de Spanjaarden.
Vanuit den Hoorn kon men vanaf de duinen speuren naar schepen die waarschijnlijk een loods nodig hadden waarna een strijd tussen de loodsen ontbrandde, wie het eerst bij het schip was had de klandizie. Door de teloorgang van de V.O.C. en de W.I.C. en de Walvisvaart en de aanleg van het Noordzeekanaal daalde de welvaart op Texel drastisch pas de opkomst van het toerisme zou daar verandering in brengen.
De locatie van de vuurtoren is op het voormalige Eierland, een klein eilandje dat zijn naam te danken heeft aan de vele meeuweneieren die hier werden gevonden, in 1630 werd Eierland met een dijk aan Texel verbonden waarna het 1835 in werd ingepolderd.
Pas in 1852 werd gesproken over de bouw van een vuurtoren, de afstand tussen de torens van Vlieland en den Helder was te groot, ondanks de tegenstand van de Texelse jutters (tussen 1848-1860
waren 72 schepen vergaan) kwam de vuurtoren er.
Quirinus Harder maakte het ontwerp en legde op 25 juli 1863 de eerste steen, op 1 november van dat jaar werd het licht ontstoken. De lamp brandde op petroleum, tussen 1911 en 1927 Pharoline, daarna kwam er elektrisch licht.
In 1953 was bijna het hele duingebied ten Noorden van de vuurtoren verdwenen, besloten werd rondom de toren een asfalt laag aan te brengen.
Op het eind van de Tweede Wereldoorlog kreeg de toren het zwaar te verduren. Door beschietingen tussen opstandige Georgiërs en de Duitsers werd de toren zwaar gehavend.
In 1948 werd de toren hersteld en werd een mantel om de oude toren gemetseld, de bovenbouw (hoogte toren: 53,2 meter inclusief 20 meter duin) werd van een nieuw lichthuis (lamp heeft een zicht van 53 kilometer) voorzien, tussen beide wanden is een open ruimte waar je kunt lopen. Per 1 januari 2006 is de toren geheel geautomatiseerd, in 2009 werd de toren aan een Stichting overgedragen die de toren openstelt voor het publiek.




woensdag 20 januari 2016

18 januari 1677, sterfdag Jan van Riebeeck.

Jan van Riebeeck.



Johan Anthonisz van Riebeeck werd op 21 april 1619 in Culemborg als zoon van een chirurgijn geboren. Als leerling chirurgijn is hij in dienst van de W.I.C. en de Noordsche Compagnie en is in Brazilië en Groenland geweest.
Op 20 jarige leeftijd treedt hij als onder chirurgijn in dienst van de V.O.C. die hem uitzend naar Batavia het huidige Jakarta.
Vanuit Batavia wordt hij uitgezonden naar onder  meer Atjeh, Taiwan, Japan en Vietnam, in Vietnam maakt hij zich schuldig aan het voeren van "privé handel".
In 1648 is hij terug in Amsterdam en is er werkzaam als koopman, op 24 december 1651 vertrekt hij vanaf Texel samen met zijn vrouw en zoon naar Zuid Afrika.
De V.O.C. heeft hem naar Kaap de Goede Hoop gezonden om daar een verversingsstation in te richten( al eerder waren in 1488 de Portugezen onder Bartolomeus Diaz daar geweest).
Op 6 april 1652 land van Riebeeck aan boord van de Dromedaris in de Tafelbaai, dezelfde baai waar Robbeneiland ligt (drie eeuwen later zit Nelson Mandela hier 27 jaren gevangen).
van Riebeeck sticht het Fort Duijnhoop, de eerste Nederlandse nederzetting aan de Kaap de Goede Hoop.  De compagnie tuinen worden aangelegd om er fruit en groente te verbouwen.
In het jaar van van Riebeeck's aankomst verrijst het fort Goede Hoop als woning-voorziening voor de V.O.C.-ers. Het "kasteel Goede Hoop" vervangt het fort in latere jaren ( nu museum).
Tot 1662 blijft van Riebeeck leider van de Kaapse kolonie, hij ontwikkeld banden met de "Hottentotten" de Khoi Khoi bevolking, er vindt ruilhandel plaats, deze handelsbetrekkingen blijven eeuwen lang bestaan.
van Riebeeck verlaat Kaapstad om gouverneur van Malakka te worden later keert hij in oktober 1665 terug naar Batavia waar hij secretaris van de Hoge regering van Indië (raad van Indië)wordt tot aan zijn dood, hij sterft op 18 januari 1677 in Batavia.
Lokale Afrikaners beschouwen van Riebeeck als de oprichter van hun land, Kaapstad bleef tot 1795 Nederlands waarna het tot 1803 Brits werd, tussen 1803 en 1806 werd het opnieuw Nederlands waarna het gedaan was met de Nederlandse aanwezigheid rond Kaapstad.
In Culemborg is het museum Jan van Riebeeck huis gevestigd.

Abraham van Riebeeck werd in Kaap de Goede Hoop geboren als zoon van Jan van Riebeeck, in 1709 wordt hij Gouverneur-generaal van Nederlands-Indië.