Posts tonen met het label Twente. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Twente. Alle posts tonen

vrijdag 9 september 2016

Gevlogen boven Nederland: Republic RF-84F Thunderflash

Republic RF-84F Thunderflash, 306 squadron


De RF-84F Thunderflash is de fotoverkenner versie van de F-84F Thunderstreak.
De luchtinlaten in de neus van de Thunderstreak werden verplaatst naar de vleugels aan de rompzijde.
De fotocamera's, 15 in totaal werden in de neus geplaatst, het toestel behield zijn vier machineguns.
Daar de Thunderflash (Ie vlucht februari 1952) bijna het zelfde functioneerde als de Thunderstreak, kreeg het de zelfde vertragingen om productie en motorproblemen te verwerken.
Het toestel werd pas in maart 1954 operationeel verklaard en deed na 1957 binnen de USAF geen dienst meer. Echter in 1961 werd een aantal weer in dienst genomen in verband met spanningen in de Koude Oorlog, rond de Berlijnse muur en tijdens de Cuba crisis.
Nederland kreeg in 1954 in het kader van het MDAP programma de beschikking over 24 RF-84F Thunderflashes. Zij kwamen vanaf 4 april 1956 in dienst bij het 306 squadron, dat destijds op Laarbruch in West Duitsland was gestationeerd. De nieuwe toestellen afkomstig vanaf de V.S. werden per trein aangevoerd via de haven van Rotterdam.
Het personeel van het 306 squadron deed op de USAF basis Sembach ervaring op de Thunderflash op, voor trainingsdoeleinden kreeg het squadron de beschikking over drie RT-33's.
Het 306 squadron ging in december 1957 naar Deelen en vandaar in 1962 naar Volkel, waarna het squadron op de vliegbasis Twente in 1970 overging op de RF-104G Starfighter.
De squadron code aan het begin van de Thunderflash periode was TP, daarna werden de toestellen genummerd van P-1 t/m P-24.
Bij de uitdienststelling gingen de meeste toestellen, er waren vier Thunderflashes neergestort waarbij de vliegers om het leven waren gekomen, naar de luchtmacht van Turkije.



vrijdag 22 april 2016

Gevlogen boven Nederland: de Gloster Meteor.

Gloster Meteor 322 sqdrn Soesterberg (foto: A.v.Wijk)

De Gloster Meteor was de eerste straaljager die na de Tweede Wereldoorlog in Nederland zou gaan vliegen bij de Koninklijke Luchtmacht.
In 1942 waren de straalmotoren (ontwerp Frank Whittle) voor de Gloster Meteor getest en kwam ook de romp van het toestel gereed. Het prototype vloog in 1943.
De eerste operationele exemplaren werden op 27 juli 1944 ingezet tegen de V-1.
Wegens het hoge brandstofgebruik werden de Meteors alleen als onderscheppingsjager ingezet.       De eerste versies vlogen nog zonder schietstoel, de mk.VIII werd met de Martin Baker schietstoel uitgerust. Tussen 1942 en 1954 werden 3.947 Gloster Meteors gebouwd.

Op 17 maart 1948 vindt de ondertekening van het verdrag van Brussel plaats waarin de westerse ondertekenaars voor een gemeenschappelijke luchtverdediging kiezen. De ondertekenaars besluiten tot het vormen van een Westerse Defensie unie, de voorloper van de NAVO die op 4 april 1949 wordt opgericht.
Nederland besluit tot de aanschaf van de Gloster Meteor om bij te dragen aan de gemeenschappelijke verdediging van West Europa, in 1948 worden er er 61 Gloster Meteor F mk.IV en 45 Gloster Meteor T mk. VII besteld. Op 27 juni 1948 arriveren de eerste drie Gloster Meteor F mk.IV straaljagers op de vliegbasis Twenthe bij de Jachtvliegschool.
De toestellen worden in het Verenigd Koninkrijk gebouwd en erna door Nederlandse vliegers aan een testvlucht onderworpen alvorens de toestellen naar Nederland worden overgevlogen.
Al snel besluit men tot de aanschaf van een verbeterde versie de mk.VIII, deze worden echter in Nederland gebouwd, Fokker krijgt het contract voor de licentiebouw en groot onderhoud van 160 stuks.Na de bouw werd iedere Gloster Meteor door testvliegers van Fokker ingevlogen alvorens het toestel op de betreffende vliegbasis werd afgeleverd, waarna alle toestellen van een squadron code en bijbehorende kleur worden voorzien:
322 squadron  code: 3W     kleur: blauw   vliegbasis Soesterberg
323 squadron  code: Y9      kleur: blauw   vliegbasis Leeuwarden
324 squadron  code: 3P      kleur: oranje   vliegbasis Leeuwarden
325 squadron  code: 4R      kleur: geel      vliegbasis Leeuwarden
326 squadron  code: 9I       kleur: rood      vliegbasis Leeuwarden, Twenthe, Woensdrecht
327 squadron  code: 7E      kleur: rood      vliegbasis Volkel, Gilze Rijen, Soesterberg
328 squadron  code: 8S      kleur: oranje    vliegbasis Volkel, Soesterberg

In augustus 1949 vestigd majoor Flinterman in de Y9-7 het Nederlandse hoogterecord van 14.821 meter en later een record van een gemiddelde snelheid van 953,1 km per uur.
Tussen 1952 en 1955 trad het met vier Gloster Meteors uitgeruste demonstratie team "Ruiten Vier" op, afkomstig van het 327 squadron op Soesterberg.
Gedurende de periode dat de Gloster Meteor inzetbaar was vonden er talloze ongelukken plaats veelal met dodelijke afloop. Vanaf 1955 werd de Gloster Meteor geleidelijk uit dienst gesteld en vervangen door de Hawker Hunter.
Het Nationaal Militair Museum in Soesterberg heeft een Gloster Meteor F mk. IV en een T mk.VII in haar collectie.





vrijdag 26 februari 2016

Gevlogen in Nederland: de North American F-86K Sabre.

North American F-86K Sabre

De North American F-86K Sabre was de NAVO versie van de F-86D all-weather onderschepper.
Het eerste prototype van deze D versie vloog op 22 december 1949, en was het eerste nachtjager ontwerp voor slechts een vlieger en een vliegtuigmotor. De K versie maakte de eerste vlucht op 15 juli 1954 vanaf Los Angeles Airport.
Nederland ontving via het MDAP, 57 exemplaren van de F-86K gebouwd in de V.S. en 6 exemplaren die bij Fiat in licentie werden gebouwd. Het toestel kreeg de bijnaam "kaasjager".
Op 1 oktober 1955 arriveerden de eerste 16 Sabres per USS Tripoli in Rotterdam.
De eerste twee toestellen van- deze 16 stuks werden op 8 december 1955 in dienst gesteld.
De F-86K squadrons 700 ( 01-08-1955), 701 (01-06-1956) en 702 (01-12-1956) werden in Soesterberg opgericht, 701 en 702 vertrokken vrijwel direct naar de vliegbasis Twente, vanwege de overbelasting en geluidsoverlast, het 700 squadron vertrok op 23 maart 1959 naar Twente.
De Nederlandse Sabres werden wegens bezuinigingen uitgerust met kanonnen met afgezaagde lopen die voorheen in de Meteor werden gebruikt.
De spanwijdte van de vleugel werd met 60 cm vergroot om ook de Sidewinder raketten te kunnen dragen.
Al spoedig werden de Sabres voorzien van squadron codes: 700 squadron code 6A, 701 squadron code Y7 en 702 squadron ZX, gevolgd door een individueel volgnummer.
Vanaf 1 september 1959 werd de Q registratie groot op de neus aangebracht.
Op 1 juli 1964 werden de laatste Sabres uit dienst gesteld.
Acht Sabres werden aan de USAF teruggegeven, die deze vervolgens aan de Italianen leverde.
De overigen werden op een na: de Q-283, die jaren als poortwachter bij de vliegbasis Twente fungeerde, op Soesterberg verschroot.


woensdag 27 januari 2016

Gevlogen boven Nederland: Fokker S-14 Machtrainer, Nederlands enigste straaljager.

Fokker S-14 Machttrainer

De S-14, de "S" stond voor scholing, was bestemd voor de opleiding van toekomstige jachtvliegers.
De werkzaamheden aan het prototype werden op 2 oktober 1948 gestart.
De machine was op 19 mei 1951 gereed voor zijn eerste proefvlucht en voorzien van militaire kentekens met registratie K-1.
Het werd het eerste als trainer ontworpen straalvliegtuig ter wereld, waarbij piloot en leerling naast elkaar in de cockpit zaten.
De hoofdtaak van de S-14 was piloten  bekend te maken met het vliegen van straalvliegtuigen.
In 1952 verkreeg Fairchild de licentie rechten voor de V.S., Fairchild verwachtte de trainer te kunnen verkopen aan de U.S. Air Force.
Voor promotie doeleinden vertrok de L-4 in 1955 voor een tour door de V.S.
Tijdens deze tour op 20 oktober, stortte het toestel in de buurt van Hagerstown neer, waarbij de bekende Fokker testpiloot Gerben Sonderman om het leven kwam.
De U.S. Air Force had na dit ongeluk geen interesse meer.
Toen de NAVO landen via het MDAP programma de T-33 straaltrainer gratis konden krijgen, waren de kansen voor de S-14 op de buitenlandse markt verkeken.
Het demonstratievliegtuig van Fokker de K-1 werd op 21 augustus overgedragen aan het Nationaal Lucht & Ruimtevaart Laboratorium. Na buiten dienststelling ging het toestel naar het Aviodome op Schiphol, later Aviodrome op Lelystad.

De Koninklijke Luchtmacht kreeg de beschikking over 20 toestellen waarvan er een , de L-4, al voor ingebruikname in de V.S. was gecrasht.
Op 20 augustus 1955 arriveerde de eerste S-14, de L-1 op de vliegbasis Twente.
De overige toestellen kwamen in de loop van 1955 in dienst; de toestellen waren genummerd: L-1 t/m L-20.
De S-14 vloog bij de Jachtvliegschool op Twente, de conversievlucht van het 700 squadron ook op Twente en was tevens gestationeerd op Soesterberg, Ypenburg en Woensdrecht voor instrument vliegen, kalibratie vluchten en het bijhouden van de vliegvaardigheid van stafofficieren.
De S-14 Machtrainer verliet in 1967  de operationele dienst.
De L-11 maakt nu deel uit van de museumcollectie van het Nationaal Militair Museum op Soesterberg. De L-17 staat opgeslagen op de vliegbasis Gilze-Rijen.

woensdag 13 januari 2016

Gevlogen boven Nederland de Canadair NF-5.

Canadair NF-5A 

De Canadair NF-5A is een lichte jachtbommenwerper ontworpen en in eerste instantie gebouwd door Northrop in de Verenigde Staten en werd door het Canadese Canadair in licentie gebouwd.
De F-5A was ontwikkeld als een goedkoop export vliegtuig dat weinig onderhoud nodig had, wendbaar was en over goede vliegeigenschappen beschikte.
De eerste vlucht vond plaats op 30 juli 1959. Een tweezits versie werd ontwikkeld als opvolger van de T-33 T-bird. De toestellen die bij Canadair werden gebouwd hadden t.o.v. de Amerikaanse toestellen verbeterde motoren en meer vermogen.

Nederland kocht ter vervanging van de resterende Thunderstreaks (de eerste Thunderstreaks waren door de Starfighter vervangen) 75 NF-5A's en 30 NF-5B's trainers bij Canadair.
De toestellen werden met behulp van operatie "Highflight" vanuit Canada via Groenland , IJsland en Schotland per 4 of 6 stuks overgevlogen (afstand 5.500 km). De eerste toestellen landden op 9 november 1969 op de vliegbasis Twente.
De toestellen werden ingedeeld bij het 313 & 315 squadron op Twente het 314 squadron op Eindhoven en 316 squadron op Gilze-Rijen.
De toestellen waren eerst gecamoufleerd en in een later stadium grijs gespoten.
Een aantal toestellen is tijdelijk uitgerust geweest met sidewinders als onderscheppingsjager.
De laatste Canadair NF-5A's werden in 1991 uitgefaseerd.  
De meeste toestellen werden aan Turkije verkocht, enkele aan Griekenland en Venezuela.
Het Nationaal Militair Museum in Soesterberg beschikt van iedere versie over een exemplaar in haar collectie.