vrijdag 15 december 2017

Jacques-Yves Cousteau, koning van de zee.


Jacques-Yves Cousteau en de Calypso


Jacques-Yves Cousteau werd op 11 juni 1910 in Saint-Andrè-Cubzac, Frankrijk geboren, in 1930 ging hij aan de Marine academie in Brest studeren en werd officier. Een ernstig auto ongeluk zorgde er voor dat zijn luchtvaart passie, hij wou gaan vliegen, niet kon doorgaan. De oceaan zou de ziel van deze avonturier winnen. In 1936 ging hij voor het eerste keer nabij de haven van Toulon met een duikbril onder water zwemmen. Om een manier te vinden om langer en vrijer te zwemmen onder water, ontwierp hij samen met ingenieur Emile Gagnan het Self Contained Underwater Breathing Apperatus kortweg SCUBA, waarmee er voor de mens een onderwaterwereld zou opengaan. Na de Tweede Wereldoorlog werd Cousteau samen met Tailliez en Dumas bekend als de musketiers van de zee vanwege hun duikexperimenten in de zee en zeelaboratoria.
In 1950 werd de voormalige mijnenveger "Calypso" gekocht en aangepast als oceanografisch vaartuig uitgerust met instrumenten, bekostigd met donaties voor duik en wetenschappelijk onderzoek. De "Calypso" en haar bemanningen zouden de komende 40 jaar de wereldzeeën en rivieren bevaren. Duikcapsules zoals de "diving soucer" Denise, behuizing onder water, een voortgaande verbetering van de aqua-long, lieten de hand van Cousteau zien. Cousteau ontwierp een schip dat aangedreven werd door windturbines de "Alcyone".
Cousteau maakte meer dan 115 films en schreef 50 boeken waarmee hij de oceanen bij miljoenen gezinnen onder de aandacht bracht. Voor zijn werk voor het verzet was hij tot Chevalier van het Legioen van Eer benoemd, voor zijn oceanografisch werk werd hij bevorderd tot Commandeur.
Hij was lid van de Amerikaanse Academie voor Wetenschappen en werd ruim 30 jaar directeur van het Oceanografisch Museum in Monaco. De V.N. kende hem de internationale milieu prijs toe, In 1985 ontving hij in de V.S. de presidentiële Medal of Freedom hij werd in 1989 lid van de Academie Française. In 1990 lanceerde hij een wereldwijde petitie om Antarctica te beschermen tegen minerale mijnbouw, een poging dat een succes werd.
Captain Cousteau stierf op 25 juni 1997 in Parijs op 87 jarige leeftijd.
De "Calypso" onsterfelijk gemaakt door het lied van John Denver wordt momenteel gerestaureerd.

Philippe Cousteau, de tweede zoon van Jacques was voor bestemd om het werk van zijn vader voort te zetten hij overleed tijdens een ongeluk met een vliegboot in Portugal.
Jean-Michel, de eerste zoon van Jacques is ook oceanografisch ontdekker en film producent.
De kleinzoon van Jacques Cousteau, Fabien is oceanograaf.



Jacques Cousteau in de Griekse wateren.




vrijdag 1 december 2017

Helgoland, rots in de Noordzee.


Afbeeldingsresultaat voor helgoland
Helgoland.



Helgoland is met maar 1,7 km2 een van de kleinst bewoonde eilanden in de Noordzee, het behoort niet tot de Wadden eilanden en is niet uit zand opgebouwd maar bestaat uit roodgekleurd rotsgesteente en bont zandsteen. Het er achter gelegen eilandje Düne bestaat wel uit zand.
Helgoland ligt 55 km uit de Duitse kustlijn tot 1720 waren Helgoland en Düne met elkaar verbonden een stormvloed maakte hier een eind aan. 
In 697 had de Friese koning Radbod zich hier teruggetrokken, in 1231 werd het eigendom van de Deense koning Valdemar II, het eigendom wisselde later enkele keren tussen Denemarken en Sleeswijk in 1714 werd het tot 1807 definitief Deens, in 1807 werd het door de Britten veroverd, in 1890 kwam het Britse Heligoland in Duitse handen door een ruil met het Oost Afrikaanse Zanzibar en Wituland, een uitvloeisel van het Zanzibar verdrag. Helgoland was tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog een Duits marine steunpunt. Helgoland was een vesting geworden vol bunkers en gangen ter bescherming van de onderzeeboot haven, alles was aangelegd door krijgsgevangenen.
"Duivelseiland" zoals het in de Tweede Wereldoorlog werd genoemd huisvestte Nederlandse, Belgische, Russische en Italiaanse krijgsgevangenen, dwangarbeiders, politieke gevangen en werkweigeraars. In april 1945 bombardeerden circa 1.000 Britse bommenwerpers het eiland , iedereen was toen al naar het vaste land geëvacueerd. Na de oorlog werden de gangen met 6.700 ton dynamiet volgestopt en op 18 april 1947 tot ontploffing gebracht maar het eiland bleef overeind, pas in 1952 keerden de eilandbewoners terug. Na aandringen van het Duitse parlement werd het eiland door de Britten aan de Duitsland teruggegeven. 
Het eland leeft van het toerisme dat door het gebrek van btw op sigaretten, alcohol en parfum alleen maar is toegenomen. Auto's en zelfs fietsen zijn op het eiland niet toegestaan.
Tot in 2007 was het mogelijk Helgoland tijdens een drie uur durende tocht per catamaran vanuit Nederland te bezoeken. De Duitse maatschappij Ems had in Australië een catamaran laten bouwen om er gedurende de zomer dagelijks een dienst mee te onderhouden tussen de Eemshaven en Helgoland, een bijna ongeluk maakte hier een eind aan en de catamaran werd verkocht. 
Het eiland staat bekend als broed en pleisterplaats voor zeevogels uit het Noordzee gebied en trekvogels uit noordelijker gebieden. Voor wie interesse heeft, het eiland is via Cuxhaven en Bremerhaven per snelboot te bereiken duur 2 a 3 uur.

vrijdag 17 november 2017

Eysink: fietsen, auto's en motoren.

Afbeeldingsresultaat voor eysink auto
Eysink 1912.

In 1886 begon Dick Eysink in Amersfoort de Amersfoortsche Rijwiel, Automobiel en Machine fabriek, Menno en August beide zonen van Dick Eysink bouwden in 1897 de eerste Nederlandse auto. Eysink was niet alleen de eerste Nederlandse autoproducent maar was tevens het eerste Nederlandse automerk dat alles zelf produceerde ook de motoren. Concurrent in de begin jaren was Spijker, tot rond 1910 werden er veelal grotere auto's geproduceerd, toen bleek dat de vraag naar kleinere auto's vele malen groter werd hadden merken hun aandeel in de markt al veroverd en had Eysink als antwoord de Bebe dat de concurrentie niet aan kon. Verschillende auto's hadden inmiddels hun weg gevonden naar Nederlands Indië maar ook naar Engeland waar zij als taxi werden ingezet.
Gedurende de Eerste Wereldoorlog zorgden orders van het Nederlandse leger voor veel werk, in de jaren daarna kreeg Eysink concurrentie van goedkoop ingevoerde Amerikaanse auto's, Eysink werd gedwongen de productie van auto's te beëindigen, er waren toen zo'n 330 exemplaren gebouwd waarvan het er slechts een het heeft overleefd en te bewonderen is in het Louwman museum in den Haag. De motorfietsen van motorfietsen waren een succes al in 1913 behaalde August Eysink op een Eysink motor de gouden medaille in de toen prestigieuze Engeland Holland Run, Eysink fabriceerde zelfs motoren voor het leger, in 1921 kwam de 4 pk liggende parallel Twin in productie.In 1931 werd men met een Eysink motor eerste, tijdens de 6 daagse van Merano.  In 1935 had Eysink motoren van 60 tot 1150cc, ontworpen door Dick Eysink jr. in productie. In 1936 verscheen de beroemde 125cc motor voorzien van een Villiers tweetaktblok, in 1948 werd hier nog de TT in Assen mee gewonnen (Dick Renooy). In 1948 kwamen er motoren met 125cc en 200cc Villiers blokken. In de vijftiger jaren probeerde men met de productie van 98 en 250cc scooters een faillissement af te wenden, tevergeefs. Men ging in 1951 failliet en maakte daarna nog een herstart als Amersfoortse Rijwielindustrie, in 1956 was het definitief afgelopen.
Dick Eysink jr. had in 1950 al ontslag genomen bij de Eysink fabriek en opende in 1951 een fabriek in het nabij gelegen Soest waar hij gemotoriseerde tandems en bromfietsen ging maken onder de naam Renata, later kocht hij het merk Eysink terug en ging hij brommers onder het merk Eysink bouwen, door concurrentie uit met name Duitsland en Japan moest hij stoppen met de productie en werd hij importeur van Benelli motoren. 

donderdag 2 november 2017

de"Lutine" goudkoorts op de waddeneilanden.

Afbeeldingsresultaat voor de lutine
de Lutine

De Lutine was een Frans fregat gebouwd in 1779 in Toulon, het schip werd in 1793 na de Franse revolutie door Franse koningsgezinden overgedragen aan de Engelsen.
Kort voor het vertrek van de Engelse troepenmacht van Vlieland, verging in de nacht van 9 op 10 oktober 1799 de Lutine tussen Vlieland en Terschelling.
Het schip was geladen met goud en zilver onder meer voor soldij voor de troepen en financiële ondersteuning van het Duitse vorstendom Hannover bondgenoot van Engeland. Ook zouden er juwelen aan boord zijn geweest. 269 van de 270 opvarenden kwamen om alleen een notaris afkomstig uit Londen J. Schabracq overleefde de ramp. Meteen na de ramp werd getracht de lading te bergen. Wat de waarde van de inhoud van het schip was bleef gissen, men schatte toen tussen de 130.000 en 1 miljoen Britse ponden. Lloyd´s waar het schip was verzekerd schatte de waarde in 1957 op 1.400.000 Britse ponden. Bergers gingen in 1800 aan de slag in 1801 was voor 300.000 gulden geborgen. Een voor het doel opgerichte bergingsmaatschappij "de Onderneming" kreeg van de Nederlandse regering het recht op het wrak te duiken en had later meer succes. Tussen 1857 en 1860 werden 41 goudstaven en 64 zilverstaven en 15.350 gouden en zilveren munten gevonden ook werden er vele kanonnen boven water gehaald. In 1938 werd voor het laatst een goudstaaf opgediept door de "Karimata" een tinbaggermolen door Biliton naar Nederland gestuurd om een bergingspoging te wagen. In 1933 werden er zelfs aandelen uitgegeven die de rechthebbende een aandeel van 1/20.000 van de bruto opbrengst van datgene wat uit de Lutine zou worden geborgen, beloofde.
De scheepsbel was intussen opgedoken en hangt bij Lloyd's in Londen en wordt eenmaal geluid als er een een grote scheepsramp heeft plaats gevonden en twee maal als het goed is afgelopen.
Tot vandaag de dag wordt er naar goud gezocht zonder succes, in 1999 werd het achterschip gevonden. De plaats van het wrak is inmiddels een beschermde archeologische vindplaats.


Afbeeldingsresultaat voor lutine
scheepsbel van de Lutine bij Lloyd's in Londen.






donderdag 12 oktober 2017

De dood van Edith Cavell, 12 oktober 1915.

Afbeeldingsresultaat voor edith cavell
Edith Cavell 1865-1915.

Op 12 oktober 1915 vond om zeven uur in de ochtend bij Schaerbeek nabij Brussel in het toen door de Duitsers bezette België de executie plaats van Edith Cavell een Britse verpleegster, haar was hulp aan veelal gewonde Engelse en Franse soldaten, en jonge dienstplichtige Franse en Belgische mannen ten laste gelegd.

Edith Cavell werd op 4 december 1865 in Swardeston geboren, nadat zij verschillende (kost)scholen had doorlopen koos zij er tussen 1890-1895 voor als gouvernante te gaan werken, bij o.a. een familie in Brussel. Waarna zij naar haar ouderlijk huis terug keerde om haar vader te gaan verplegen die ernstig ziek was. De ervaring die zij hiermee op deed zorgde ervoor dat zij zich in april 1896 aanmeldde voor de verpleegopleiding aan het London  Hospital. Hierna werkte zij in verschillende ziekenhuizen en als privé verpleegster bij verschillende gegoede families. In 1907 werd Edith Cavell benaderd om als hoofd verpleging de nieuwe school voor verpleging in Brussel te gaan leiden beter bekend als het Berkendael Medisch Instituut. In 1910 werd zij gevraagd hoofd verpleging van het nieuwe ziekenhuis bij Sint Gilles te worden. Nadat België in 1914 door de Duitsers werd bezet begon Cavell onderdak te verlenen aan (gewonde) Britse soldaten en hielp zij hen het bezette België te ontvluchten via het neutrale Nederland. Gewonde Britse en Franse soldaten maar ook Franse en Belgische jongens in de dienstplichtige leeftijd  werden uit de handen van de Duitse bezetter gehouden. Hiertoe zette Cavell een netwerk van onderduik adressen op, het ziekenhuis waar zij werkte werd het middelpunt van een heel netwerk, men voorzag de vluchtenden van geld en vervolgens werden zij met behulp van gidsen naar de Nederlandse grens begeleid.
Op 3 augustus 1915 werd zij door een collaborateur verraden en werd zij samen met een aantal geallieerde soldaten gearresteerd. Door de amateuristische opzet van haar netwerk werd het in korte tijd opgerold en werden velen gearresteerd. Zij werd vervolgens 10 weken in een gevangenis opgesloten waarvan de laatste twee in eenzame opsluiting. Zij bekende aan de Duitse politie, 60 Britse en 15 Franse soldaten te hebben helpen ontsnappen als ook 100 Belgische en Franse jonge mannen. De rechtszaak tegen haar begon op 7 oktober.
Zij werd voor verraad ter dood veroordeeld en niet voor spionage en dat terwijl zij geen Duitse was!
Volgens de toen geldende regels van de conventie van Genève was zij als verpleegster in oorlogstijd beschermd, Duitsland echter trok zich van deze regel niets aan. Van alle kanten probeerde men vanuit het buitenland druk uit te oefenen op de Duitsers om de executie te voorkomen, men geloofde nl. niet dat de Duitsers een vrouw de doodstraf zouden geven, maar tevergeefs.
Op de ochtend van 12 oktober 1915 om zeven uur werd zij op de schietbaan van Schaerbeek gefusilleerd, waarna zij door Belgische vrouwen naast de gevangenis van Sint Gillis werd begraven. Na de oorlog werd haar stoffelijk overschot opgegraven en kreeg zij een herdenkingsdienst in de Westminster Abbey  waarna zij in Norwich werd herbegraven. Zij werd het symbool van onverzettelijk heldenmoed. Ter nagedachtenis aan haar staat op St. Martins Place vlakbij Trafalgar Square een monument. In 2015 werd ter herinnering aan haar dood, 100 jaar gelden, een munt geslagen. Op verschillende plaatsen in de wereld werden na 1918 gedenkplaten, ramen en monumenten ter haar gedachtenis onthuld en werden er straten naar haar vernoemd. Edith Piaf werd naar haar vernoemd. Brussel kent een Edith Cavell kliniek.

vrijdag 29 september 2017

Spoetnik 1, het begin van de ruimte race, 4 oktober 1957.

Afbeeldingsresultaat voor sputnik 1
Spoetnik 1.

4 oktober 1957 is de geschiedenis ingegaan als de begin datum van de ruimtevaart. Op deze dag begon de eerste kunstmaan van Russische makelij vrolijk piepend aan zijn eerste rondje om de aarde. Deze gebeurtenis luidde het begin in van de ruimterace tussen de Verenigde Staten en Rusland.
Beide landen hadden na het beëindigen van de Tweede Wereldoorlog raketkennis opgedaan van de Duitsers, geleerden met hun kennis op raketgebied waren zowel naar de Sovjet Unie als de Verenigde Staten gevlucht. Zowel de Sovjet Unie als de Verenigde Staten kondigden, i.v.m. het Internationaal Geofysisch jaar in 1958, aan een satelliet te zullen lanceren. In de V.S. heette het Marine project (de NASA bestond nog niet) Vanguard, het bestond uit een lichte raket met een heel kleine satelliet, waarvan al verschillende lanceringen waren  mislukt. De Russen hadden een zwaardere satelliet in ontwikkeling van ongeveer 1,5 ton. Toen hoofdconstructeur S. Koroljov door kreeg dat de V.S. wel eens eerder zouden kunnen zijn gaf hij opdracht een metalen bolletje te bouwen van 58 cm doorsnee met 4 sprietantennes. Hij liet een paar accu's inbouwen en twee radiozenders die later het zo beroemde biep, biep, biep geluid lieten horen, er werd een ventilator ter koeling ingebouwd en de bol werd verder afgevuld met stikstof.  Op 4 oktober 1957 om zes in de ochtend werd bij Baikonoer, in de steppen van Kazachstan, een R-7 raket in gereedheid gebracht om korte tijd daarna onder het toezicht van Koroljov gelanceerd te worden.
Met 28.000 kilometer per uur tuimelde de Spoetnik "reisgenoot" met een gewicht van 83,6 kilo rond de aarde. De baan was sterk elliptisch op zijn laagst naderde de satelliet de aarde tot op 228 kilometer en klom daarna tot 947 kilometer. De Spoetnik zond op twee golflengtes uit op ongeveer 15 en 7,5 meter. Radioamateurs overal ter wereld konden die dag de boodschap van de satelliet ontvangen, iedere biep 0,3 seconde zo ook elke pauze.  Na 1440 omlopen keerde de Spoetnik 1 op 4 januari 1958 terug in de dampkring. Op 31 januari 1958 slaagde de V.S. erin Juno-1 te fabriceren om de Explorer-1 van 14 kilo in een baan om de aarde te brengen. De ruimterace was in een versnelling gekomen, op 12 april 1961 ging Joeri Gagarin als eerste mens de ruimte in en maakte een rondje om de aarde.
Satellieten zijn niet meer weg te denken uit ons dagelijks leven denk maar aan de TomTom navigatie.


vrijdag 15 september 2017

Het Nederlandse Rode Kruis 150 jaar.


Afbeeldingsresultaat voor henry dunant
Henry Dunant grondlegger van het Rode Kruis.


Henri Dunant, een Zwitserse zakenman reisde in 1859 langs een veldslag die gaande was tussen de Fransen en Oostenrijkers bij Solferino waar hij duizenden gewonden op het slagveld zag liggen.
Dunant zette een neutraal noodhospitaal op in de dorpskerk waar hij samen met de lokale bevolking de gewonden ging verplegen.
Terug in Zwitserland bepleitte hij een neutraal korps van hulpverleners. Op 22 augustus 1864 werd het Rode Kruis officieel opgericht.
Het symbool werd afgeleid van de vlag van Zwitserland en wordt ook wel het "kruis van Genève"
genoemd. Omdat een rood kruis in de moslim landen werd geassocieerd met de kruistochten werd door hen de Halve Rode Maan gebruikt.
Naast de Nationale Rode Kruis en Rode Halve Maan verenigingen bestaat het uit het Internationale Rode Kruis de Internationale Federatie van het Rode Kruis en Rode Halve Maan verenigingen.
Oorlog gerelateerde taken van het Rode Kruis zijn terug te vinden in de verdragen van Genève het zgn. humanitair oorlogsrecht.
Op 19 juli 1867 tekende koning Willem III een Koninklijk besluit tot oprichting van "ene Nederlandsche Vereeniging tot het verlenen van hulp aan zieke en gewonde krijgslieden in tijd van oorlog". Het Nederlandse Rode Kruis kwam in 1870 voor het eerst in actie tijdens de Frans Duitse oorlog toen ambulances en personeel naar Luxemburg, Duitsland en Frankrijk werden gestuurd. In 1912/1913 werden er ambulances naar Bulgarije, Griekenland en Turkije  en Servië gestuurd.
In 1935/1936 ging men zelfs naar Ethiopië. Voorts verleende het Rode Kruis tijdens de Mobilisatie en oorlogstijd en tijdens de bezetting en bevrijding veel bijstand.
Het Nederlandse Rode Kruis erkende veel later dat het gedurende de Tweede Wereldoorlog weinig of zelfs niets had gedaan  om Joden te helpen. Joden vielen niet onder de toen heersende conventie van Genève dat alleen hulp aan krijgsgevangen en gijzelaars toe stond.
Het Rode Kruis stond aan de wieg van het Rode Kruis ziekenhuis in den Haag (1868) dat in 2004 fuseerde tot het HagaZiekenhuis en het Rode Kruis ziekenhuis in Beverwijk (1927) dat sinds 1965 geen band meer heeft met het Rode Kruis.
De rol van het Rode Kruis is in de loop van de tijd veranderd en uitgebreid, het draagt nu ook zowel Nationaal als Internationaal bij aan het verlenen van hulp en noodhulp bij calamiteiten, epidemieën rampen, voedselhulp en wederopbouw. Vandaag de dag verzorgt men EHBO cursussen, bied men sociale hulp en hulp bij het zoeken van familie van vluchtelingen, bevorderd men zelfredzaamheid.
Bekend is de vakantieboot Henry Dunant waarmee reizen voor zieken en gehandicapten worden gemaakt.
De Nederlandse organisatie bestaat uit 250 afdelingen met zo'n 30.000 vrijwilligers.