zaterdag 7 november 2015

Rien Poortvliet

Rien Poortvliet in 1978
Rien Poortvliet 1932-1995

Rien Poortvliet werd op 7 augustus 1932 in Schiedam geboren, na de MULO moest Rien zijn dienstplicht vervullen bij de Koninklijke Marine waarna hij bij het reclamebureau van Unilever ging werken, hij ontwierp daar o.a. diverse verpakkingen.
Hij ging ging daarnaast steeds meer voor zich zelf werken en illustreerde boeken van o.a. Wil Huygen, Jaap teer Haar, Leonard Roggeveen en Godfried Bomans.
Eind jaren 60 werd hij zelfstandig illustrator en had zich inmiddels blijvend in Soest gevestigd.
In zijn vrije tijd was hij een vervend  jager en begon zo ook onderwerpen uit de natuur te tekenen.
Eens per jaar, na afloop van de zwijnenjacht op het Loo waar Rien aan mee deed, werd op Soestdijk een jachtdiner gegeven waar ook het echtpaar Poortvliet te gast was.
Rond 1972 begon hij met het samenstellen van zijn eigen boeken, de eerste luidde "Jachttekeningen", er zouden er nog zo'n 20 volgen met diverse onderwerpen zoals: Braaf, het brieschend paard, langs het tuinpad van mijn vaderen, hij was een van ons en van de hak op de tak om er enkele te noemen.
Hij zag zichzelf als tekenend verteller.
Poortvliet had een speciale band met het Koninklijk Huis en stuurde ieder jaar rond kerst een zelf ontworpen kerstkaart naar Paleis Soestdijk waar de collectie overigens afgelopen winter was te bewonderen.
In 1976 kreeg hij uit handen van prins Bernhard de Zilveren Anjer uitgereikt.
Voor het boek "het brieschend paard" liep hij als lakei mee naast de gouden koets op Prinsjesdag.
Met de kabouter serie werd Rien Poort internationaal bekend, "Het leven en werken van de kabouter" beleefde 61 drukken.
Vaak kwam hij een nieuw boek presenteren in de TV progamma's van Willem Duys, hij schuwde de TV niet, en was ook lange tijd panellid van "zo vader zo zoon".
Rien Poortvliet was autodidact en een principieel man en stak zijn geloof niet onder stoelen of banken hij had een afkeer van moderne kunst.
In 1992 werd het Rien Poorvliet museum in het oude gemeentehuis van Middelharnis geopend. 
Rien Poorvliet overleed op 15 september 1995 in zijn woonplaats Soest, hij  liet 1.500 aquarellen en rond de 800 olieverf schilderijen na.
De gemeente Soest heeft tot op heden verzuimd een straat, weg of pad naar deze bekende illustrator, schrijver te vernoemen hij heeft beter verdient.
Vanwege de financiële situatie van het museum in Middelharnis moest het op 18 december 2006 de deuren sluiten.
In 2009 werd in Tiengemeten in Zuid-Beijerland een nieuw Rien Poortvliet museum geopend.

vrijdag 6 november 2015

Vuurtorens in Nederland Ouddorp (11).

Vuurtoren Ouddorp


In het begin van de 18e eeuw stond op Goeree aan de rand van de polder "het Oude Nieuwland" ten noorden van de plek die nu Ouddorp heet een houten baken.
Toen deze in 1742 door storm werd verwoest besloot men tot de bouw van een stenen baken, dit baken werd in 1842 als vuurtoren ingericht.
In 1862 werd het vervangen door een achthoekige gietijzeren vuurtoren de "IJzeren baak" welke in het jaar 1911 werd gesloopt.
De nieuwe vuurtoren verscheen op het Westerhoofd was de eerste betonnen vuurtoren in Nederland en stond westelijker dan de "IJzeren baak" en werd in 1912 operationeel.
In de nacht van 4 op 5 mei 1945 troffen de Duitsers voorbereidingen voor het opblazen van de toren wat ook gebeurde.
Door de Rijksbouwmeester Gijsbert Friedhoff werd een nieuwe vuurtoren ontworpen die bestond uit een betonskelet dat werd bekleed met baksteen, daarin werden ook de oude ijzeren staven aangebracht afkomstig uit de opgeblazen vuurtoren.
De nieuwe vuurtoren werd in 1947 naast de plek van de opgeblazen vuurtoren gebouwd, op 6 oktober 1950 werd het het licht voor het eerst ontstoken.
De vuurtoren bij Ouddorp is een van de laatste bemande vuurtorens in Nederland (de andere is die op Terschelling).
De bemanning heeft taken op het gebied van verkeersbegeleiding en coördinatie van reddingsactiviteiten.
De vuurtoren staat op de grens van het polderland en de duinen bij de Groenedijk, de toren is 56 meter hoog en is sinds 2007 Rijksmonument.
De toren produceert het sterkste vuurtorenlicht in Nederland en heeft een bereik van 56 kilometer.


donderdag 5 november 2015

Punter

de Kuunder punter

De eerste punters zijn te zien op 16e eeuwse schilderijen, het zijn schepen van vijf tot acht meter lang met een heel geringe diepgang.
Het schip is open, het kan ook een dek of kajuit hebben maar dat hoeft niet, kenmerkend zijn de recht vallende voor en achter steven, de punter heeft een aangehangen roer, de bovenkant van het roer is vaak versierd.
De punter heeft een zwaard dat van de ene zijde naar de andere wordt verplaatst bij het overstag gaan.
Niet iedere punter heeft een mast is dit wel het geval dan bevindt deze zich op driekwart van het schip. In delen van Overijssel wordt met de punter geboomd wat ook wel punteren wordt genoemd,
men zet zich dan af met een paal tegen de bodem.
Ook kan er over langere afstanden langs de kant worden gelopen er wordt dan gejaagd (duwen met de vaarboom tegen de wal).
De punter kwam het meest voor in de veengebieden van Overijssel, Friesland, Zuid-Holland, Utrecht
en de bollen en Zaanstreek.
Ook waren er zeepunters die zeewaardig waren en aan de oostzijde van de Zuiderzee voor de visserij waren ingericht o,a, de Kuunder punter.
Er waren varianten voor vracht, visserij, er bestonden zelfs postpunters die tussen de wadden en het vaste land vaarden.
De Stichting het Punterwezen zet zich in voor het behoud van de punter, de vereniging de Zeilpunter heeft een aantal punters in onderhoud die kunnen worden gehuurd.






dinsdag 3 november 2015

Hoe president Nixon de ruimtevaart negatief beïnvloedde.



president Richard M. Nixon


















Toen Richard Nixon in januari 1969 aantrad als president, was het NASA ruimtevaart programma op zijn hoogtepunt, een hoogtepunt dat het nooit meer zou evenaren.
Net voor het aantreden van Nixon had de politiek al besloten tot reductie van de kosten in het lopende ruimtevaart programma.
Onder Nixon werd in 1969 besloten dat de Apollo vluchten na 1972 zouden worden beëindigd en dat de geplande vluchten voor de Apollo 18, 19, en 20 geen doorgang meer zouden hebben.
De laatste Apollo 17 vlucht ging op 7 december 1972 naar de krater "Littrow" in het Taurusgebergte.
Wetenschap in de ruimte zo luidde het moest belangrijker worden dan prestigieuze ruimtevluchten.

De bijna gelijktijdig met Nixon aangetreden bestuurder van de NASA, Dr. Thomas O. Paine kwam met plannen voor het tijdperk na het Apollo programma en ging hier in de zomer van 1969 mee naar het Witte Huis, Het was een ambitieus plan er moest een permanente maanbasis komen en tevens een ruimtestation  dat rond de Aarde zou gaan cirkelen en dat voor het einde van de jaren 70.
Daarna zou er een bemande vlucht naar Mars op stapel staan waar de NASA op z'n vroegst 1981
zou gaan landen.
President Nixon verwierp de voorstellen van de NASA uit financiële overwegingen het zou allemaal te duur worden, Dr. Paine verliet al na anderhalf jaar teleurgesteld de NASA.
Een aantal jaren werd het Space Shuttle programma wel door Nixon goedgekeurd en dan alleen omdat het in de toekomst vele arbeidsplaatsen zou gaan opleveren!
Hadden de Verenigde Staten een wat ambitieuzer president gehad dan Nixon dan was de mens wellicht voor de eeuwwisseling al op Mars geweest.



maandag 2 november 2015

Walvisvaart in Nederland.

't Walvisvaarders huisje den Hoorn

Op Texel werd enkele jaren geleden een klein museum geopend:'t Walvisvaarders huisje in den Hoorn, Klaas Daalder kocht deze woning in 1729 aan en woonde er met zijn vrouw en kinderen, het interieur is tot en met vandaag de dag vrijwel onveranderd gebleven.
Klaas Daalder was Commandeur op de walvisvaart en had al sinds zijn 10e jaar als matroos gevaren, in het begin bij de V.O.C. 
In die tijd leefden heel wat families op de Waddeneilanden en ook in Zeeland van de walvisvaart,
het jagen op walvissen zou je in die tijd booming business kunnen noemen.
Het waren de Nederlanders op zoek naar een alternatieve noordelijke route die berichtten over de walvissen die ze er zagen.
Omdat de bevolking in die tijd explosief groeide was er een tekort aan plantaardige producten, men wist intussen dat walvissen een dikke speklaag hadden dit spek was de oplossing voor het tekort.
In Nederland werd de Noordsche Compagnie opgericht die tussen 1614 en 1642 het alleen recht kreeg op het jagen van walvissen.
Bij Spitsbergen bij het eiland Amsterdam en Jan Mayen werd een nederzetting Smeerenburg gevestigd waar Groenlandse walvissen tot traan werden verwerkt.
Na 1642 gingen anderen meedoen en werd de Groenlandse walvis bijna uitgemoord, men ging uitwijken naar andere gebieden zoals tussen Canada en Groenland wat commercieel geen succes bleek na 1873 hield men in Nederland de walvisvaart voor gezien.
De schaarste in oliën en vetten kort na de Tweede Wereldoorlog zorgde er voor dat de Nederlandse
Maatschappij voor de Walvisvaart werd opgericht.
Er werd een walvisfabriek schip (Willem Barentsz)en enkele vangschepen aangekocht en men trok naar de wateren rond Antarctica waar  tijdens de walvisjacht de verwerking van de walvissen op het fabrieksschip plaats vond.
Op deze manier werden tussen 1946 en 1964, 18 expedities in de wateren rond Antarctica uitgevoerd.
De landen die meededen aan de walvisvaart hadden in 1946 de Internationale Walvisvaart Commissie opgericht en werd afgesproken hoeveel walvissen er per land gevangen mochten worden.
Op het moment dat Nederland de nieuwe Willem Bartensz II in gebruik nam besloot het I.W.C.
dat Nederland de vangst moest beperken, Nederland verliet boos het I.W.C.
In 1964 werd de nieuwe Willem Barentsz II aan Japan verkocht, het definitieve einde van de Nederlandse walvisvaart.
En zo kon het gebeuren dat dertig jaar later actievoerende schepen van Greenpeace zoals de Sirius
vanuit Nederland opereerden om bij Antarctica actie te gaan voeren tegen de Walvisvaart. 


Willem Barentsz


zaterdag 31 oktober 2015

Jean Dulieu de vader van Paulus de Boskabouter.

Jan van Oort "Jean Dulieu" 1921-2006(foto Paulus archief) 

Jan van Oort werd op 13 april 1921 in Amsterdam geboren uit een kunstzinnige familie.
Het bleek al heel gauw dat hij muzikale aanleg had maar ook fantasie en creatief vermogen.
Jan hield zich bezig met tekenen en knutselen en was geboeid door de natuur, echter vaders wil was wet Jan moest een muzikale opleiding gaan volgen.
Jan studeerde viool aan het conservatorium en slaagde in 1940 voor het eindexamen, gedurende de eerste jaren van de Tweede Wereld oorlog werkte hij bij verschillende orkesten, hij was musicus bij het Goois Orkest, concertmeester bij de Nederlandse Opera, en 2e violist bij het Concertgebouw orkest.
In het najaar van 1944 werd het orkest door de oorlogsomstandigheden ontbonden.
Van Oort vestigde zich in Soest en ging zich toeleggen op het tekenen. Hij maakte het ontwerp van twaalf verschillende kabouters en liet zijn vrouw de beste uitzoeken, Paulus de Boskabouter zag het licht. Kort na de oorlog slaagde Jan van Oort er in zijn verhalen onder te brengen als strip bij de krant het Vrije Volk, in 1946 verscheen de eerste strip in het Vrije Volk, onder het pseudoniem Jean Dulieu, dit om als hij misschien als tekenaar zou mislukken het zijn goede naam in de muziekwereld niet zou schaden, in totaal maakte hij 3.600 stripafleveringen.
Het echtpaar verhuisde naar Terschelling, vanaf 1948 verschijnt het eerste Paulus kinderboek, in totaal verschenen er 32 kinderboeken, als zijn meesterwerk wordt "Paulus en de Eikel mannetjes" beschouwd het verscheen in 1964, verschillende titels verschenen in het Duits, Engels, Japans, Zweeds en Zuid Afrikaans.
Kortstondig deed hij ook nog ander werk: reclame werk voor AH in 1953 "Boffie en Buikie", hij reisde veel naar Italië n.a.v. deze reizen verscheen in 1956 het boek "Francesco" over het leven van Franciscus van Assisi, hij was ook nog medewerker aan het kindertijdschrift Kris Kras.
Van 1955 tot 1964 werd Paulus als radiohoorspel uitgezonden waarbij Dulieu alle stemmen deed.
Vanaf 1967 werden er vanuit een studio in het Soester bos 40 Paulus poppenfilmpjes van 10 minuten gemaakt, Jean Dulieu verzorgde de poppen en decors allemaal zelf, deze filmpjes werden onder meer in Engeland, Australië, Nieuw Zeeland en Canada vertoond.
Begin jaren 70 verscheen er een nieuwe serie stripverhalen die 23 verhalen zouden gaan omvatten, 
in al zijn strips legt Dulieu een grote interesse aan bomen ten toon.                                                   Nog steeds verschijnen er Paulus boeken met ongepubliceerd materiaal.
Zijn hele oeuvre omvat pentekeningen, aquarellen, balpen tekeningen en werken in potlood. 
In 1984 stopte Jean Dulieu met Paulus de Boskabouter.
Jan van Oort overleed in Arnhem in 2006 op 85 jarige leeftijd.






vrijdag 30 oktober 2015

Vuurtorens in Nederland (10) Hoek van Holland.

Vuurtoren Hoek van Holland



Met de aanleg van de Nieuwe Waterweg werd op 31 oktober 1866 een begin gemaakt, de Nieuwe Waterweg zou de levensader tussen de Rotterdamse havens en de Noordzee worden.
Werklieden en ambtenaren vestigden zich in de nieuwe vestiging Hoek van Holland, in 1893 werd de Berghaven gegraven in 1893 volgde een spoorwegverbinding met Rotterdam het jaar waarin ook de eerste veerdienst naar Engeland werd geopend.

De bebakening van de Nieuwe Waterweg bestond in 1866 uit een wit licht op het Noorderhoofd, vanaf 1876 een ijzeren opengewerkte zeskantige toren met eveneens een wit licht, op het Zuiderhoofd stond een rood havenlicht.
Op de zuidoever van de Nieuwe Waterweg op het eiland de Beer vormden twee houten lichtopstanden een lichtenlijn.
Het "hoge licht" werd een ronde gietijzeren toren met een hoogte van 30 meter, in februari 1894 werd het licht voor het eerste ontstoken.
Door de aanleg van de Maasvlakte in de jaren 60 was het vuurtoren licht te ver van de kust komen te liggen waardoor het niet goed zichtbaar meer was, het licht werd daarom in 1974 gedoofd.
Op de Maasvlakte werd toen een toren van 67 meter geplaatst, deze is door de aanleg van de tweede Maasvlakte in 2008 gedoofd en is afgebroken.
Het lage licht was in eerste instantie aan achthoekige rode stenen toren met een vast rood licht van 9 meter hoog, dat in 1893 werd gebouwd het voldeed niet en er werd een nieuwe toren gebouwd.
Het nieuwe lage licht dat in 1899 werd gebouwd werd 14,2 meter hoog en was van gietijzer, omdat het de lichtlijn van beide torens niet meer functioneerde is in 1967 het lage licht gedoofd, in 1977 is de toren naar het Havenmuseum in Rotterdam verscheept.

De "hoge vuurtoren" is tegenwoordig in gebruik als kustverlichtingsmuseum Hoek van Holland,
dankzij het initiatief van René Vas is de vuurtoren aan de Willem van Houtenstraat behouden.
Het museum herbergt een collectie kustverlichtingsobjecten en is van mei t/m september elke eerste zaterdag en zondag van de maand te bezoeken.