maandag 19 oktober 2015

TESO Texels eigen.




dokter Wagemaker



Als men naar Texel gaat en men komt van den Helder moet men de veerboot nemen.                       De veerdienst van en naar Texel onderscheidt zich van andere veerdiensten elders.
De Koninklijke N.V. TESO Texels eigen Stoomboot Onderneming, dat "eigen" zegt eigenlijk veel.
De TESO is in 1907 ontstaan uit een vereniging die werd opgericht uit ontevredenheid over de toen bestaande oeververbinding nl. de Vereniging Nieuwe Texelsche Stoombootdienst.
De Alkmaarse rederij Alkmaar Packet onderhield in die tijd de verbinding maar over de kwaliteit en de prijs waren de eilanders niet te spreken.
In 1908 werd de vereniging omgezet in de N.V. TESO en dit alles op initiatief van een huisarts uit Texel, A. Wagemaker.
Twee weken later maakte de door de TESO gehuurde boot de "baron Rengers" de eerste oversteek.
Het startkapitaal bedroeg Hfl. 75.000 en werd door de eilandbewoners bijeen gebracht, de 3.650 aandelen zijn eigendom van zo'n 3.100 Texelaren.
Sinds de oprichting zijn er nooit nieuwe aandelen uitgegeven, dit om de aandelen in Texel te houden, er wordt geen dividend uitgekeerd, de aandeelhouders kunnen een aantal gratis overtochten per jaar maken.
De TESO onderhield tussen 1950-1960 kortstondig de veerdienst tussen Vlieland en Harlingen, ook het busvervoer op Texel is in handen van de TESO geweest.
Vroeger was Oudeschild de veerhaven op Texel, in 1962 werd 't Horntje als nieuwe veerhaven op   Texel geopend.
Het massatoerisme zorgde er voor dat het wegennet op Texel werd aangepast aan de toename van
auto's vanaf het vasteland.
In de tachtiger jaren werd de eerste dubbeldeks veerboten aangeschaft.
Sinds de aanschaf van de SS Dageraad de eerste door de TESO aangeschafte veerboot, werden er tot nu nog eens 15 veerboten aangeschaft als laatste de Texelstroom die op dit moment in Spanje wordt afgebouwd en vanaf 2016 de veerdienst zal gaan verzorgen.
Ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan werd de TESO in 2007 het predicaat Koninklijk verleend.
Momenteel verricht de gemeente den Helder een studie om de aanlanding te verplaatsen naar elders, dit om vooral in de zomer file's door de stad naar de veerhaven te verleggen.



vrijdag 9 oktober 2015

Koninkrijk Friesland?

Kaart van het Friese Rijk toen het op zijn grootst was (650-734)
het koninkrijk Friesland

De opmerking dat Friesland ooit een koninkrijk is geweest zal bij menigeen verbazing, schouder ophalen, of een lachbui teweeg hebben gebracht.
Het koninkrijk Friesland heeft een paar honderd jaar bestaan.
Op het hoogtepunt aan het begin van de 8e eeuw na christus bestond het uit een brede strook langs de Noordzee kust van Duinkerken tot aan Bremen.
De Friezen woonden in kleine nederzettingen gebouwd op terpen, men leefde van de veeteelt, visserij en handel.
De koning zelf had weinig in te brengen, alleen als er oorlog uitbrak dan had de koning macht.
De eerste Friese koning van wie wij iets weten was Finn Folcwada, hij voorde oorlog tegen de Denen en wordt o.a. vermeld in het Engelse middeleeuwse gedicht Beowolf, hij leefde rond de 5e eeuw na Christus, of er voor hem nog andere koningen waren verteld de geschiedenis niet.
De tweede koning Aldgist leefde tussen 650 en 680 en had zijn hof in Dorestad.
In die tijd floreerde de handel met Noord-West Europa en Oost Europa en Friesland kende rijkdom,
Friese zeelui waren tot in de Middellandse zee te vinden.
Aldgist werd opgevolgd door Redbad een eerzuchtig persoon.
Spoedig was er oorlog met de Franken, een oorlog die zeven jaar duurde, Redbad verloor het van de Frankische leider Pippijn.
Toen er na de dood van Pippijn een machtsstrijd uitbrak twijfelde Radbad geen moment en trok naar het zuiden om de voormalige Friese gebieden te heroveren en trok zelfs verder tot in Keulen.               Toen de opvolger van Pippijn, Karel Martel zijn handen vrij had na de overwinning bij de slag bij Portiers in 732, besloot hij een eind te maken aan de Friese dreiging en trok noordwaarts.
Redbad was inmiddels overleden en opgevolgd door koning Poppo, die was onervaren en niet opgewassen tegen de Franken en leed de een na de andere nederlaag.
Het koninkrijk Friesland werd steeds kleiner en in 734 volgde de slag aan de Boorne, (gebied tussen Aldeboarn en Jirnsum)de Franken hadden een leger dat twee maal zo groot was (5.000) als dat van de Friezen (2.500).
Koning Poppo was een van de eerste die sneuvelde op het slagveld zijn dood maakte een eind aan het koninkrijk Friesland.


Een zilveren munt uit de tijd van koninkrijk Friesland is de Sceatta (oud woord voor rijkdom komt ook het woord schat vandaan)deze munt was tussen 650 en 755 in gebruik.

donderdag 8 oktober 2015

Vuurtorens in Nederland (8) den Helder.



"Lange Jaap" den Helder






Huisduinen behoorde in de vroege middeleeuwen tot de gouw "Texla" veel later ontstond Helder,
beide dorpen lagen in die tijd op een eiland men zou nu van een waddeneiland spreken.
Tijdens de Allerheiligenvloed van 1570 gingen beide dorpen Huisduinen en Helder verloren, de dorpen werden verder landinwaarts opgebouwd, door een zanddijk die werd aangelegd tussen Huisduinen en Callantsoog was het gebied geen eiland meer.
In de 19e eeuw maakte den Helder een grote bloei door, dankzij de aanleg van een marine haven waarin in de Franse tijd een begin was gemaakt en na 1815 verder werd uitgebouwd met werven.
Huisduinen bleef zelfstandig en kreeg een eigen fort "Kijkduin".
Zeker is dat er op 1598 een vuurbaak stond op het Kijkduin, aanvankelijk werd het s' winters gebruikt
na 1771 dagelijks het hele jaar door. 
Amsterdam was verantwoordelijk voor de waterweg markering rond het Marsdiep en zal de kosten van het vuurbaak hebben betaald.
In 1814 werd een nieuwe vuurbaak aangelegd die in 1822 werd vervangen door een vierkante toren op het fort "Kijkduin".
In 1877 werd de vuurbaak vervangen door een veel hogere toren op een locatie ten noorden van het Fort Kijkduin vlakbij Huisduinen.
Op 1 april 1878 werd het licht ontstoken, de zestien kantige toren is 57 meter hoog en lange tijd de langste vuurtoren van Nederland geweest vandaar de bijnaam "Lange Jaap".
In de beginjaren van de TV is de toren teven tv-mast geweest voor de ontvangst van Nederland 1, nadat de zendmast in Wieringen gereed was verviel deze functie.
In 1979 werd de Lange Jaap voorzien van radar.
Het licht van de vuurtoren heeft een bereik van 55 kilometer en is vanaf de waddeneilanden Texel en Vlieland goed te zien.



dinsdag 6 oktober 2015

Europese ruimtevaart het begin.

lanceerbasis Kourou Frans Guyana

De Europese ruimtevaart organisatie ESA werd in 1975 opgericht.
De  ESA ontstond uit de ESRO European Space Research Organisation (de ESRO leverde tussen 1964 en 1975 raketten en satellieten aan de deelnemende landen) en de ELDO de European Launcher Development Organisation.
Er zijn landen die lid zijn van de ESA maar niet van de Europese Unie en omgekeerd in totaal gaat het om 22 landen plus Canada, Canada is een geassocieerd lid van de ESA.
Daarnaast zijn er nog 10 landen die willen worden toegelaten.
Ook zijn er landen die naast het lidmaatschap van ESA een eigen ruimtevaart programma hebben
zoals Italië en Frankrijk (CNES).
De officiële talen door ESA gebezigd zijn: Engels, Frans en Duits.
Bij de ESA werken meer dan 2.000 medewerkers en men heeft een budget van € 4,4 miljard,
het geld wordt door de lidstaten opgebracht daarnaast draagt de EU bij.
De ESA houdt zich bezig met bemande ruimtevaart door participatie in het internationale ruimte station ISS en het lanceren van onbemande ruimte missies naar de Maan en andere planeten,
de observatie van de Aarde, wetenschap en telecommunicatie.
Het hoofdkwartier van de ESA is gevestigd in Parijs Frankrijk.
De lanceerbasis van de ESA bevind zich in Kourou op Frans Guyana, ESTEC in Noordwijk Nederland is de grootste locatie en tevens het technische hart van ESA, ESOC het  mission control is gevestigd in Darmstadt Duitsland, het ESRIN voor de observatie van de aarde in Frascati in Italië, het EAC het centrum dat astronauten opleid voor ruimte missies is gevestigd in  Keulen Duitsland en tot slot het Europees centrum voor astronomie ESAC dat gevestigd is in Madrid Spanje. 

maandag 5 oktober 2015

Jan Zoetelief Tromp vergeten schilder (slot).

V36D
periode Katwijk aan Zee


In 1896 werd hij lid van het kunstenaars genootschap Pulchri Studio een bolwerk van schilders van de Haagse School. Gedurende de periode 1893-1900 staat het menselijk figuur centraal in de aquarellen en schilderijen die Zoetelief dan produceert.                        
Een van die bekende schilders waar hij regelmatig op bezoek kwam was Bernard Blommers, daar leerde hij de dochter van Blommers, Marie leren kennen, zij trouwden in 1899, getuige was Hendrik Mesdag.
Hij werd steeds bekender en verkocht meer schilderijen.
Na enkele jaren laat het echtpaar een huis in Blaricum bouwen waar zij tussen vele andere kunstenaars van die tijd gingen wonen, zomers verbleef het echtpaar in Katwijk aan Zee waar Jan veel inspiratie opdeed.
In Blaricum worden vele boeren taferelen geschilderd en zijn zijn eigen kinderen figurant, tijdens deze periode neigt Zoetelief Tromp richting Larense School.
Ook krijgt hij in deze periode opdrachten voor de geïllustreerde weekbladen.
De banden met de Haagse school worden steeds nauwer, kunsthandelaren presenteerden het werk van Zoetelief Tromp steeds vaker met dat van de Haase School.                                                             In 1907 is hij vertegenwoordigd op de Biennale in Venetië.
Er volgt internationale erkenning: in 1904 de bronzen medaille van de Wereldtentoonstelling in St.Louis  en in 1915 de bronzen medaille op de International Panama Pacific Exposition.
Veel van zijn werk wordt in het buitenland verkocht en onder andere naar kunsthandelaren in London, New York en Montreal.
Tijdens de periode 1914-1918 gaat het bergafwaarts, de kunsthandel zakt ineen, het huis in Blaricum moet worden verkocht, in 1919 heeft men zich permanent in Katwijk aan Zee dan een kunstenaars bolwerk gevestigd, dat zelfde jaar ontving hij de ere medaille van de stad Amsterdam.
In Katwijk maakt hij het ontwerp voor het gebrandschilderd raam "de Klijnhaalder" voor de oude kerk in Katwijk aan Zee.
Hier schildert hij de bekende strandtaferelen, de visserij en met name de schelpenkarren.
Het wordt er in de wereld allemaal niet beter op na de beurskrach volgt er een diepe depressie, zaken waar de kunstenaars mede het slachtoffer van worden.
Het echtpaar Zoetelief Tromp vertrekt naar Frankrijk en wel naar een kippenboerderij "le Tournesol"
bij het plaatsje Breteuil sur Iton circa 100 kilometer ten westen van Parijs hun oudste zoon was hun al voorgegaan.
Vooral in het begin is het leven er vrij primitief.
Hier ging Jan ander werk schilderen: familie en kinderportretjes en bloemenstillevens, maar zowel de kunsthandel in Amsterdam als de salon in Parijs hadden liever het werk dat hij in Blaricum en Katwijk aan Zee had geproduceerd.
Zijn schilderij "Dans le Dunes" hing in 1930 in de salon Des Independants in Parijs , werd bewonderd maar.... niet verkocht.
De tweede wereldoorlog volgde al zijn kinderen op de jongste na waren elders, het waren moeilijke tijden voor het gezin, zijn vrouw Marie stierf in 1946.
Jan Zoetelief Tromp sterft op 28 september 1947, vergeten, hij wordt op het kerkhof bij Saint-Denis du Behelan begraven.

T19D
Oost Indische kers (Franse periode).


zaterdag 3 oktober 2015

John Glenn een legende.

John Glenn 77 jaar  1998

Een voormalig astronaut die nog steeds tot de verbeelding spreekt is John Glenn.
John Herschel Glenn werd op 18 juli 1921 in Cambridge Ohio geboren, na de New Concord High School studeerde hij technische wetenschappen aan het Muskingum College.
In 1941 behaalde hij zijn burger vliegbrevet.
In de tweede wereldoorlog meldde hij zich in 1942 aan bij de Amerikaanse Marine Luchtvaart Dienst voor de opleiding tot vlieger tijdens zijn opleiding koos hij voor de vliegafdeling van het Amerikaanse marine korps, hij vloog gevechtsmissies in de Zuid Pacific en Noord China.
Gedurende de Koreaanse oorlog vloog hij tijdens zijn eerste rotatie 63 gevechtsmissies, tijdens een vlucht keerde hij terug met 250 kogelgaten in zijn vliegtuig.
Tijdens een uitwisseling met de USAF vloog hij nog eens 27 gevechtsmissies op de F-86 F Sabre.
In 1954 slaagde hij aan de marine test pilotenschool als testpiloot en vloog als zodanig de eerste supersonische transcontinentale vlucht van Los Alamitos Californië naar New York in 3 uur 23 min.
In 1958 ging de NASA op zoek naar toekomstige astronauten , uit 508 kandidaten werden er in de eind selectie zeven gekozen waar John Glenn er een was.
Glenn werd de eerste Amerikaan in een baan om de Aarde toen hij op 20 februari 1962 aan boord van de "Friendship" tijdens de Mercury-Atlas 6 missie werd gelanceerd.
Hij werd hiermee de vijfde mens in de ruimte en werd hiermee een held, na afloop kreeg hij een ticker tape parade in New York.
Hij raakte mede dank zijn politieke interesses bevriend met de familie Kennedy (en was erbij toen in 1968 Robert Kennedy werd vermoord).
John Glenn diende op 16 januari 1964 zijn ontslag in bij de NASA en stelde zich een dag later kandidaat voor de Democratische partij in de Senaat.
Van 1974 tot 1999 zou hij Senator voor Ohio in de Senaat blijven.
In 1976 was hij kandidaat voor de nominatie als vice-president voor de Democraten.
Op 29 oktober 1998 ging John Glenn opnieuw de ruimte in aan boord van de Space Shuttle Discovery (missie STS-95). Hij had enige jaren bij de NASA gelobbyd om als proefkonijn geriatrische tests te mogen ondergaan in de ruimte. Hij was meteen met 77 jaar de oudste mens in de ruimte. Na terugkeer van zijn 9 daags verblijf in de ruimte kreeg hij voor de tweede keer in zijn leven een ticker tape parade in New York. 
Naar John Glenn is een onderzoekscentrum een snelweg, verschillende scholen, en enkele schepen
vernoemd.
John Glenn is de oudste nog levende voormalige Senator in de V.S.   



vrijdag 2 oktober 2015

Zoetelief Tromp een vergeten schilder.

Jan Zoetelief Tromp
Jan Zoetelief Tromp 1872-1947


De eerste keer dat ik oog in oog kwam te staan met het werk van Zoetelief Tromp is nu zo'n 20 jaar geleden tijdens een kort bezoek aan de dochter van Zoetelief Tromp, Marijke die toen in een verzorgingshuis in Zeist woonde.
Het prachtig natuurgetrouw en gedetailleerd werk, de vele lichte kleuren en vooral de strandtaferelen spraken mij zeer aan.
De strandtaferelen zou ik later nog menigmaal tegenkomen in de kaartenmolens in de boekwinkel!
Tot nu toe zijn er zo'n 550 werken van Zoetelief Tromp gecatalogiseerd; olieverf, aquarellen en tekeningen, men vermoed dat er in het buitenland nog een aantal onbekende werken aan de muur hangen.

Jan Zoetelief Tromp werd op 13 augustus 1872 in Batavia Nederlands Indië geboren, hij stamde uit een Fries geslacht. Zijn vader Soko Walle Tromp was bestuursambtenaar zijn moeder Henriette Zoetelief was in Yogyakarta geboren.
Jan was een moeilijk kind dat maar niet wou luisteren, tot men er bij toeval achter kwam dat hij niks hoorde. Zijn grootmoeder ontfermde zich over haar kleinzoon en nam hem mee naar Europa, samen bezochten zij tal van specialisten.
Zo kwam Jan  op de Inrichting voor Doofstommen te Rotterdam terecht, na de lagere school gingen grootmoeder en kleinzoon terug naar Indië.
Terug in Indië kwam men tot het besef dat Jan een vak zou moeten gaan leren, hij bleek goed te kunnen tekenen.
Uit dank voor wat zijn grootmoeder voor hem had betekend voegde Jan haar achternaam Zoetelief toe aan die van hem Tromp wat in 1886 wettelijk werd goedgekeurd.
Later dat jaar in 1886 ging de gehele familie terug naar Nederland.
Jan begon toen hij 13 jaar was zijn opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen te den Haag.
In 1893 slaagde hij voor het toelatingsexamen voor de Rijks Academie voor Beeldende Kunsten te Amsterdam. August Allebè was daar zijn grote leermeester.
Na zijn studie vestigde Jan zich in den Haag waar hij werd opgenomen in een kring van bekende schilders. In 1893 werd hij lid van de kunstenaars vereniging Arti et Amicitia.
Wordt vervolgd. 

periode Blaricum