Posts tonen met het label ameland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ameland. Alle posts tonen

vrijdag 31 augustus 2018

Hidde Dirks Kat, bekende Amelander.

Hidde Dirks Kat, 1747-1824.

Het is dit jaar 200 jaar geleden dat het dagboek van walvisvaarder Hidde Dirks Kat werd gepubliceerd. Hier wordt in Ameland volop bij stilgestaan.
Hidde werd op 14 juni 1747 in Hollum op Ameland geboren, hij trouwde in 1775 met Jantje Jans zij hadden samen 4 kinderen. Hidde Dirks Kat ging zoals velen op de Waddeneilanden op walvisvaart en klom op tot commandeur. 
In 1777 voerde Hidde met vijf andere schepen uit, richting Groenland, met als doel de robben en walvisvangst. Hij had het bevel over de tweemaster birk "Juffrouw Klara".
Tegen het eind van de zomer werden de schepen door het kruiend ijs verrast en werden samen met nog 12 andere schepen verpletterd door het ijs, het is dan oktober 1777. Men probeerde via ijsschotsen te ontkomen naar het vaste land. De bemanningsleden moesten zich proberen in leven te houden velen kwamen echter om, ze verdronken of bevroren in de kou. Een aantal waaronder Hidde weet met behulp van Eskimo's Groenland te bereiken. Hidde gaat een dagboek bijhouden, het dagboek schetst een levendig beeld van de ontberingen die men op het ijs moest doorstaan en de gastvrijheid van de Inuit. De geredden overwinteren in de Deense kolonie Frederikshoop, van de in totaal 450 opvarenden van de in totaal 18 schepen komen er 331 om het leven. In februari 1778 laat Hidde van zich horen, hij schrijft vanuit Straat Davids een brief aan zijn echtgenote op Ameland waarin hij beschrijft wat er sinds de zomer van 1777 is gebeurt en hij verteld van de overlevingstocht over de ijsschotsen waarbij velen verdronken en of omkwamen van de kou. In de zomer van 1778 keren Hidde en de overgebleven bemanningsleden terug op Ameland.
Hidde gaat niet meer op walvisvaart maar is door de gebeurtenissen beroemd geworden. Zijn laatste levensjaren, zijn echtgenote was al overleden, brengt Hidde bij zijn nicht Meinke Kats door, pas in 1817 wordt zijn dagboek gepubliceerd.
Op de begraafplaats bij de Hervormde kerk in Hollum staat zijn grafsteen met daarop vermeld: H.D. Kat. Bij het verzorgingscentrum "de Stelp" in Hollum staat een standbeeld van Hidde Dirks Kat waarbij zijn vinger wijst naar de plek waar vroeger zijn huis stond.

Dit jaar is zijn dagboek opnieuw maar nu in hedendaags Nederlands als paperback uitgegeven. Ter gelegenheid van het jubileum werd door de Amelander bierbrouwerij een speciaal bier gepresenteerd genoemd naar Hidde Dirks Kat.



vrijdag 23 februari 2018

Winters van weleer, de Waddeneilanden waren alleen via de lucht te bereiken.

Piper Cub op het strand van Terschelling. foto:NIMH


Nu het op het einde van deze "winter" weer eens echt gaat vriezen is het tijd eens terug te blikken naar de vorige eeuw. De winters waren lang en koud, isolatie en dubbel glas waren er nog niet. Het vroor zo hard dat de Waddeneilanden en toen ook Urk door het vele ijs onbereikbaar werden.
Vanaf 1922 werden door de komst van het vliegtuig s'winters verbindingen onderhouden met het vaste land. Vanaf Amsterdam vonden de meeste vluchten plaats vanaf 1937 werd er ook vanaf Eelde gevlogen. De meeste vluchten vonden plaats met de Fokker F7A, F8, en de Douglas DC-2 en DC-3 allen gevlogen door de K.L.M.  De meest notoire winters waren die van 1922, 1928, 1929, 1937 en 1938. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het de Duitse luchtmacht die vluchten van en naar de eilanden onderhield, veelal in eigen belang.Na de Tweede Wereldoorlog waren het de Koninklijke Luchtmacht en de M.L.D. die tijdens de winters van 1946-1950, 1954-1956 en 1961-1963 de verbindingen met het vaste land onderhielden. Gebrek aan brandstof was er vlak na de oorlog, militaire vliegvelden moesten zelfs tijdens de winter sluiten, wat het niet gemakkelijker maakte.
Austers en Dominies vervoerden tijdens de winter van 1946-1947 zo'n 500 passagiers en 10 ton vracht, daar waren wel meer dan 150 vluchten voor nodig. Op de eilanden werden provisorisch ingerichte landingsstrips aangelegd veelal op het strand of op het met sneeuw bedekte weiland.
In de winter van 1956 waren er 109 landingen op Vlieland, Terschelling en Schiermonnikoog waarbij 409 personnen, 264 kg vracht en meer dan 21.700 kg post werd vervoerd.
In 1963 heeft men in de Waddenzee 21/2 maand last van het ijs, overdag vroor het 10 tot 15 graden met een laagste temperatuur van -20.8 graden. Er vonden die winter 750 vluchten plaats waarbij 2000 passagiers, 38.000 kg post en 16.000 kg vracht werd vervoerd. De Luchtmacht dat die winter ook helikopters inzette kon het niet meer aan, men kreeg hulp van Martinair Air Charter dat was uitgerust met de Douglas C-47B Skytrain en de DH 114 Heron. Er werd een landelijk comité wintervoeding vogels opgericht waarmee geld werd ingezameld om de vogels van voedsel te voorzien, de luchtmacht strooide het voedsel vanuit vliegtuigen uit boven met name het IJsselmeer en de Biesbosch.Tijdens de Elfstedentocht op 18 januari 1963 was de gevoelstemperatuur -20C, zo koud als in 1963 is het sindsdien niet meer geworden!


De haven van Schiermonnikoog.



vrijdag 15 januari 2016

Vuurtorens in Nederland (17) Ameland.

vuurtoren Ameland



Ameland was in de late middeleeuwen groter dan dat het nu is.
De Middelzee bestond nog, Leeuwarden was een kustplaats met een zeehaven.
Op West Ameland aan de monding van de Middelzee bevond zich het dorp Sier dat in die tijd een vuurbaken had (Sier verdween later onder het duinzand).
In de 13e eeuw verzandde de Middelzee, de monding hiervan is bekend als het Borndiep.
Eeuwenlang bestond de bebakening uit kapen, de eerste dateert uit omstreeks 1300.
Ameland was heel lang een "vrijheerschap" tot 1681 werd Ameland door de familie Cammingha bestuurd in 1704 kocht J.W. Friso erfstadhouder van Friesland het eiland, in 1801 werd een eind gemaakt aan de status "vrijheerlijkheid", de titel echter wordt nog steeds door de Oranjes gebruikt.
Tot 1828 diende de Cammingha state in de omgeving van Ballum als baken voor de scheepvaart, het slot werd in 1828 afgebroken in plaats hiervan verscheen op deze plaats een houten kaap.  
Het Borndiep ten westen van Ameland is verraderlijk water, in 1876 werd ten noord westen een klein vuur geplaatst, 11/2 km ten zuiden van dit vuur werd t.b.v. de vissers een achtkantig lichthuis op een ijzeren geraamte geplaatst, het licht bleek te zwak.
In opdracht van Koning Willem III werd in 1880-1881 een gietijzeren toren geplaatst door de architect Q. Harder.
De fundering bestond uit granieten platen en kleine metselstenen.
De toren waarvan het licht op 55 meter hoog staat heeft 14 verdiepingen en telt 236 treden, naast de toren verschenen drie lichtwachters woningen.
Op 10 mei 1881 werd het licht voor het eerst ontstoken.
In 1923 werd de toren geëlektrificeerd en voorzie van een 80 watt Brandarislamp.
In 1940 werd de optiek op last van de Marine vernietigd, tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de toren door de Duitsers als uitkijkpost gebruikt.
Na de oorlog kreeg de toren tot 1952 een hulplicht na 1952 vervangen door de optiek van de betonnen vuurtoren van Ouddorp die op het eind van de oorlog door de Duitsers was opgeblazen.
In 1982 werd de vuurtoren Rijksmonument.
Op 1 januari 2005 werd de laatste vuurtorenwachter vervangen door een infraroodcamera.
Rijkswaterstaat verkocht in 2004 de toren aan de gemeente Ameland die het beheer in handen gaf van de Stichting Amelander Musea.
De rood witte toren ook wel de vuurtoren Bornrif genaamd is op woensdag, zaterdag en zondag middag opengesteld voor het publiek. 

maandag 21 september 2015

Koninklijke Wagenborg

Wagenborg Delftzijl




Wagenborg, bij velen bekend van de veerdienst van en naar Schiermonnikoog en Ameland en de zware kranen op de wegen, bestaat al meer dan 100 jaar de geschiedenis begon in 1866.
Op 10 juni 1866  wordt Egbert Wagenborg geboren, de grondlegger van koninklijke Wagenborg.
Als 10 jarige gaat hij al varen na tien jaar gevaren te hebben wil hij zelfstandig schipper worden.
In 1889 is de Tjalk "Broedertrouw" gereed het inmiddels gezin Wagenborg vestigt zich aan boord.
Vanaf 1898 blijft Egbert aan de wal en komt er een tweede schip in de vaart.
E. Wagenborg scheepsbevrachter te Delfzijl wordt opgericht, het bedrijf breidt zich gestaag uit
in 1903 worden meerdere schepen waar onder een stoomsleepboot en Tjak aangeschaft.
In 1905 opent Wagenborg een passagiersdienst tussen Delfzijl en Emden, vanaf 1907 tevens naar Borkum en Nordeney in Duitsland.
Door toedoen van de eerste wereldoorlog wordt er een stuwadoors maatschappij opgericht.
In 1914 start de de veerdienst op Schiermonnikoog in 1921 op Ameland.
In de twintiger jaren neemt het aantal scheepsbevrachtingen toe, in 1930 bestaat Wagenborg al uit een aantal N.V.'s, met kustvaarders wordt vanaf 1934 strokarton naar Engeland getransporteerd.
Tegen de teneur in groeit het bedrijf in de crisisjaren gestaag door er komen kantoren in Rotterdam en Amsterdam het hoofdkantoor komt in Delfzijl de vloot groeit verder met de aanschaf van sleepboten.
In de 50 er jaren profileert Wagenborg zich als reder er worden verschillende schepen aangekocht
de vloot kustvaarders van 500 ton groeit gestaag de eerste schepen voor de grote vaart komen in dienst, in 1959 wordt begonnen met de bouw van nog eens zes 500 tonners.
In de zestiger jaren groeit de vloot uit tot 24 schepen. In 1970 wordt Wagenborg Terminal opgericht,
in de tachtiger jaren worden verschillende transportbedrijven overgenomen.
in de jaren negentig worden vier schepen van 3.000 ton aangeschaft en zgn. container feeder schepen.
In 1996 start Wagenborg Stevedoring in 2000 gevolgd door Wagenborg Foxdrill.
1998 het jaar dat Wagenborg het predicaat "Koninklijk" krijgt.
Heden bestaat Wagenborg uit:
180 schepen tussen de 2.000-23.000 ton gemiddelde leeftijd 6,7 jaar.
8 sleepboten tot 60 ton, 4 veerboten voor passagiersdiensten, 8 accommodatie schepen en supportschepen t.b.v. olie,gas en wind industrie.pontons en een drijvende bok.
Mobiele kranen, rupskranen 150 in totaal, plus een wagenpark van 85 trekkende en 120 getrokken eenheden.
Terminals in Delfzijl en Eemshaven met een oppervlakte van 390.000 m2, en vestigingen in o.a. Hengelo en Oldenzaal.
Bij dit modern toegeruste bedrijf werken heden rond de 3.500 medewerkers.