donderdag 10 september 2015

van Hubble naar James Webb telescoop.




James Webb infrarood ruimte telescoop





De Hubble telescoop raakt nu langzaam aan het eind, iedereen heeft kunnen genieten van de prachtige beelden die de Hubble ons heeft laten zien van het heelal.
Er wordt gewerkt aan de opvolger van Hubble, de James Webb ruimtetelescoop is in aanbouw.
Als de telescoop voltooid is zal hij een spiegel hebben met een doorsnede van 6,5 meter gemaakt van lichtgewicht Beryllium.
James Webb zal vanaf het moment van lancering 5 tot 10 jaar meegaan en misschien wel langer.
Het zal dan het belangrijkste observatorium in de ruimte worden.
De telescoop in aanbouw is een samenwerking tussen de NASA,ESA en CSA, en zal vanaf Frans Guinea met een Ariane V raket worden gelanceerd volgens planning in oktober 2018.
Een van de belangrijkste doelstellingen zal zijn: 
de studie naar de fasen van de ontwikkeling in de geschiedenis van ons heelal van de Big Bang tot en met de evolutie van ons eigen zonnestelsel. 
de vorming van nieuwe sterrenstelsels observeren en de samenstelling van verre sterrenstelsels meten.
De James Webb telescoop kan 100 objecten tegelijk observeren, omdat het een infrarood telescoop is kunnen extreem zwakke signalen worden opgevangen.
De telescoop wordt gepositioneerd in Lagrange punt L2 op een afstand van 14 dagen vanaf de aarde.
Vanaf die positie moet het mogelijk zijn terug te kijken in de geschiedenis van het heelal.

De telescoop is genoemd naar James Webb het hoofd van het Apollo programma (1961-1968)en voorzitter van de NASA.

G.A. Koppen luchtvaartpionier.

G.A.Koppen (1890-1970).

George Alexander Koppen werd op 21 juni 1890 in Nijmegen geboren, na de H.B.S. ging hij naar de K.M.A. in Breda en kwam bij het wapen der Artillerie terecht wat hem niet beviel.
Hij diende korte tijd in Nederlands Indië en werd daarna gedetacheerd bij de Luchtvaart Afdeling op Soesterberg waar hij in december 1914 het F.A.I. vliegbrevet (nummer 13!) behaalde gevolgd door zijn militair brevet in juni 1915.
Koppen vloog in die tijd op de Farman in zijn vrije tijd speelde hij toneel.
In 1919 kondigde de Telegraaf aan, dat Koppen het voornemen had om naar Nederlands Indië te vliegen zo'n kleine 14.000 kilometer.
Hiervoor werd in Duitsland een Albatros aangeschaft, het toestel werd op Soesterberg geprepareerd voor de vlucht, problemen over voorwaarden met Engeland zorgden ervoor dat de vlucht uiteindelijk niet doorging, er werd nu een comité gevormd dat een vlucht in de toekomst ging voorbereiden.
De vliegtocht van van de Hoop in 1924 had aangetoond dat een luchtdienst naar Nederlands Indië
mogelijk was.
Er werd besloten dat een bemanning van drie personen: Koppen gezagvoerder Luchtvaart Afdeling en Frijns en Ellerman beide afkomstig van de K.L.M. op 1 oktober 1927 een 1e officiële postvlucht van Amsterdam naar Batavia zouden gaan maken.
Hiervoor kreeg de bemanning de beschikking over een Fokker F VIIA de H-NAEA "Postduif".
De zgn. "Koppen" vlucht was het begin van een serie (proef) vluchten waarbij allerlei mogelijkheden om Nederlands Indië per vliegtuig te bereiken werden uitgeprobeerd, met succes zou later blijken.
Er werden een aantal postzakken meegenomen naast reguliere post waren er veel brieven en kaarten van postzegelverzamelaars.
Bij aankomst in Batavia werd de bemanning uitbundig gehuldigd, Koppen had nog tijd om op familie bezoek te gaan en bezocht ook nog enkele oud Soesterberg vliegers.
Op 17 oktober ging men huiswaarts, op 28 oktober arriveerde men op Schiphol waar een enorme menigte de bemanning opwachtte ook in Amsterdam en op Soesterberg werd Koppen met zijn bemanning gehuldigd.Ook Internationaal kreeg men de nodige erkenning Koppen kreeg de Clifford Harmon trofee van het Internationaal verbond v.d. luchtvaart.
Een nieuwe mijlpaal was bereikt: binnen 1 maand kreeg men uit Batavia antwoord op een brief uit Amsterdam! Burgerluchtvaart zou weldra volgen.
Koppen werd geëerd met een luchtpostzegel van 40 cent. Op 13 september 1928 vertrok Koppen met de eerste van vier Fokker VII b-3's van de net opgericht KNILM naar Batavia waar hij chef vliegdienst werd.Na verlof in Nederland ging Koppen naar Nederlands Nieuw Guinea, de KNILM had opdracht gekregen via luchtkartering een deel van Nederlands Nieuw Guinea in kaart te brengen, Koppen werd er chef vliegdienst. Koppen keerde in 1937 terug in Nederland waar hij als kapitein, commandant werd van de 1e afdeling van het 3e luchtvaartregiment belast met het opleiden van luchtwaarnemers, op 9 juni 1939 werd hij afgekeurd op grond van zijn ogen (hij had toen 15.000 vlieguren en 2 miljoen kilometer afgelegd).
Hij werd bevorderd tot majoor en was tijdens de oorlogsdagen chef van de vliegschool op Waalhaven. Van 1942 tot de bevrijding verbleef hij in krijgsgevangenschap in o.a. Stanislau waar hij zich met wiskunde en toneel op de been hield.
Na de oorlog verliet hij de militaire dienst als luitenant-kolonel en werd hij leraar hogere wiskunde aan de HTS in Haarlem. Hij stierf op 1 januari 1970 aan de gevolgen van de ziekte van Parkinson.



woensdag 9 september 2015

Sojoez: beproeft ruimtevaart concept op weg naar 50 jaar in 2017.

Sojoez TMA-M


De Sojoez capsule (Sojoez wat "Unie" betekend) werd ontworpen door de chef ontwerper van het toenmalig Sovjet ruimtevaart programma Sergej Koroljov.
Hij ontwierp het basis model dat op 23 april 1967 werd gelanceerd.
Het geheel bestond uit drie delen: een terugkeer cabine met hitteschild en parachutes, een module met leef en werkruimte o.a. zuurstof opslag en water en voedsel voorraden en een module met verschillende systemen voor b.v. baancorrecties en zonnepanelen.
De terugkeer of landing cabine is de enige van de drie die door de dampkring van de aarde zal weten te komen en zal landen, de twee modules zullen voordien worden losgekoppeld en verbranden in de dampkring. 
Er zijn gedurende al die jaren verschillende doorontwikkelingen van de Sojoez geweest:
7K-OK (1967-1971) uitgerust voor drie kosmonauten, met dit type kwamen door allerlei ongelukken verschillende kosmonauten om het leven de eerste capsule sloeg te pletter waarbij Vladimir Komarov om het leven kwam, tijdens een latere vlucht viel de druk in een capsule weg waarbij drie kosmonauten stikten dit ongeluk zorgde er voor dat men het drukpak ging gebruiken.
7K-T (1973-1981) uitgerust voor twee kosmonauten met drukpak.
7K-TM (1975) dit type kreeg bekendheid door de koppeling met een Apollo ruimtevaartuig.
Sojoez T (1976-1986) door verkleining van de apparatuur was het weer mogelijk drie kosmonauten (in drukpak) te vervoeren.
Sojoez TM (1986-2002) hierbij werden nieuwe systemen voor communicatie, nadering en koppeling en gewijzigde remraketten toegepast.
Sojoez TMA-(M) (2002-heden) aangepaste versie voor het vervoer van en naar het Internationale Ruimte Station ISS met o.a. een volledig digitale cockpit.
Het was deze versie de Sojoez TMA-4 waarmee André Kuipers  op 19 april 2004 zijn eerste ruimtevlucht maakte naar het ISS bekend als de "Delta" missie.
Zijn tweede reis met een Sojoez TMA-03M,  waarbij hij deel ging uit maken van de ISS expedities 30 en 31, vond plaats op 23 december 2011.

Voor de lancering wordt gebruik gemaakt van de Sojoez raket waarvan de eerste in 1966 werd gelanceerd, de Sojoez raket is een van de succesvolste raketten aller tijden.

Het ziet er voorlopig nog niet naar uit dat de Sojoez ruimtecapsule de komende jaren zal worden vervangen, een vijftig jarig jubileum in 2017 is dan ook zeer waarschijnlijk.


dinsdag 8 september 2015

Vuurtorens in Nederland (4) Scheveningen.

Vuurtoren Scheveningen 2015


Scheveningen van ouds een vissersdorp, beschikte al in 1531 over een vuurbaken, althans volgens een eerste schriftelijke vermelding die bewaard is gebleven.
De kerk was in die tijd verantwoordelijk voor het beheer van het vuurbaken.
De Staten van Holland en West Friesland beslisten in 1615 tot een stelsel van vuurbakens langs de kust, het baken van Scheveningen werd toen door de Staten overgenomen.
In 1815 werd de stookplaats van steen vervangen door een lantaarn met olielamp , in 1851 werd e.e.a. met zes meter verhoogd.
In 1874 werd met de bouw van een gietijzeren vuurtoren (twaalf kantig) begonnen op 20 december 1875 werd het licht voor het eerst ontstoken , de negen verdiepingen werden door gietijzeren wenteltrappen verbonden.
De olielamp werd in 1903 door een petroleum gloeilamp vervangen, in 1918 deed de elektrische gloeilamp zijn intrede toen de vuurtoren op het elektra net werd aangesloten.
De vuurtoren overleefde de sloopdrift van de Duitse bezetter, alles aan de Scheveningse kust moest
namelijk wijken voor de Atlantikwall.
In 1977 werd de vuurtoren volledig geautomatiseerd.
De toren die 49 meter hoog is, is vanaf de pier goed te zien, s' avonds schijnt het licht tot over de boulevard, het licht reikt tot ruim 53 kilometer.

maandag 7 september 2015

Nh1816 klasse, reddingboot van de toekomst.

Nh1816
Nh1816 klasse, KNRM


De Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij, KNRM opgericht in 1824 is een particuliere stichting voor het redden van schipbreukelingen en het verlenen van hulp aan in nood verkerende schepen langs de Noordzee kust en binnenwateren tevens beschikt men over een Radio Medische Dienst.
De KNRM beschikt over zo'n 1.300 bemanningen en medewerkers, 45 KNRM stations en een vloot van 75 reddingboten.
De reddingboten zijn er in verschillende lengtes variërend van 7 meter (Atlantic klasse) tot en met 19 meter (Arie Visser klasse).

In 2009 begon de KNRM met het project SAR Nh1816 voor het ontwerp van een nieuwe reddingboot. Men heeft hiervoor mee samengewerkt met de TU Delft, Damen Shipyards en Willem de Vries Lentsch Naval Architects.
Het eerste exemplaar werd op de scheepswerf van Damen in Gorinchem gebouwd en werd in 2014 afgeleverd.
De Nh1816 zal in de toekomst de Arie Visser klasse gaan vervangen, in 2014 is men begonnen
met het nieuwe type uitvoerig te gaan beproeven en testen waarna men alle reddingstations is afgegaan om de bemanningen er mee vertrouwd te maken.
Ten opzichte van de Arie Visser zijn er een aantal verbeteringen:
Reductie G krachten, minder vibraties, voldoet aan de laatste milieu eisen, eenvoudiger onderhoud.
De Nh1816 kan maximaal 31 knopen halen en maximaal 120 drenkelingen meenemen.
Inmiddels staan een 2e en 3e reddingboot van de Nh1816 klasse op stapel.

Professionele vrijwilligers staan 24 uur per dag klaar om uit te varen en hulp te bieden en dat alles geheel kosteloos en vaak met gevaar voor eigen leven!
Wilt u het KNRM steunen? Ga dan naar www.knrm.nl/steun en wordt donateur.






zondag 6 september 2015

Einde Russische hegemonie vervoer naar ISS in zicht.

CST100
CST-100 Starliner Boeing


Afgelopen vrijdag 4 september werd door Boeing de naam onthult van de door haar ontworpen bemanningscapsule de CST-100: Starliner.
De Starliner luidt een nieuwe fase in wat betreft het vervoer van astronauten naar en van het ISS ruimtestation.
Na de Space Shuttle was de Nasa niet meer in staat haar astronauten naar het ISS te vervoeren.
Ook wou men in de toekomst niet langer afhankelijk zijn van de Russische Soyoez.
Met Boeing en SpaceX werden contracten afgesloten t.w.v. 6,8 miljard dollar, met het doel een commercieel ruimtevaarttuig in eigen beheer te ontwikkelen.
Een onbemande testvlucht zal in mei 2017 plaatsvinden gevolgd in augustus door een testvlucht om het nood ontsnappingsmechanisme aan boord te testen. 
Een vlucht met een piloot zal naar verwachting in September van dat jaar plaatsvinden.
Een eerste echte vlucht staat geplant voor december 2017, waarna een aantal capsule's in serie productie zullen worden genomen.
Hiermee lijkt na 2017 een eind te komen aan de Russische hegemonie wat betreft het vervoer naar het Internationale Ruimtestation ISS.
De Starliner zal gebruik gaan maken van de Atlas V raket.

zaterdag 5 september 2015

Herdenking slachtoffers Birma en Pakan Baroe spoorwegen.


Het Drie-Pagoden monument Bronbeek, Arnhem




Er is dit jaar al heel wat herdacht: veldslagen uit de Eerste Wereldoorlog, de slag bij Waterloo,
4 mei, het einde van de Tweede Wereldoorlog in Europa, Hiroshima, Nagasaki, het einde van de Tweede oorlog in Azië, de Indië herdenking, de Battle of Britain, en vandaag de herdenking bij het Nationaal Indië monument in Roermond.

Een herdenking die afgelopen zaterdag 29 augustus plaatsvond op het landgoed Bronbeek bij Arnhem heeft eigenlijk nauwelijks de media aandacht gekregen die het verdiende.
Op deze dag werden de slachtoffers, die werkend aan de Birma-Siam spoorweg en aan de Pakan Baroe spoorweg op Sumatra, hun leven verloren, herdacht.
Er werd een monument onthuld bestaande uit twee stukken spoorrails, op de dwarsliggers staan de namen van 519 Nederlanders die zijn omgekomen aan de Pakan Baroe dodenspoorweg.
Tijdens de aanleg van de Birma Siam spoorweg lieten 2.800 Nederlanders en enkele tienduizenden
bewoners uit het voormalig Nederlands Indië het leven.
Tijdens de aanleg van de Pakan Baroe spoorweg op Sumatra lieten 519 Nederlanders en zo'n 80.000
Javaanse dwangarbeiders de zgn. romusha's het leven.
Daarbij komen nog eens de 1.400 Nederlanders en 4.000 Javanen die met het zinken van de Junyo Maru (op weg naar Sumatra) verdronken.
De omstandigheden waarbij al deze mensen omkwamen zijn het best te vergelijken met de concentratie kampen uit het derde rijk.
En de overlevenden wat zal daar later van zijn terecht gekomen?
Het is daarom niet te begrijpen dat deze herdenking geen aandacht krijgt terwijl Hiroshima en Nagasaki dat wel volop krijgen.
Het wordt dan ook de hoogste tijd dat de verhalen over deze verschrikkingen naar buiten komen
en op schrift worden gesteld, afzonderlijk dan wel gebundeld.                                                           Het initiatief ligt nu bij al die nabestaanden, zorgt er voor dat er over tien jaar nog kan worden herdacht.