Posts tonen met het label Kuifje. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kuifje. Alle posts tonen

vrijdag 3 februari 2017

George Remi de vader van Kuifje.

Kuifje en Bobbie


Misschien dat wel iedere fan van Kuifje nog weet wanneer en welk Kuifje album hij als eerste kreeg, ik was 12 jaar toen ik met Sinterklaas de Zaak Zonnebloem kreeg. Dit was het begin van een lange reeks albums, zelfs mijn vader was er in geïnteresseerd. En niet te vergeten het blad Kuifje dat bij de kapper lag, het was altijd een hele klus het blad lang genoeg in handen te hebben voordat ik aan de beurt was bij de kapper.

George Remi werd op 22 mei in 1907 in Etterbeek geboren, in 1920 begint hij aan zijn studie aan het St. Bonifatiuscollege in Brussel en verveelt zich er enorm. In 1921 sluit George zich aan bij de padvinderij zijn eerste illustraties verschijnen in de tijdschriften van de Belgische scouting. 
In 1924 ondertekent George Remi zijn illustraties met Hergè (de Franse uitspraak van Remy George).
De eerste stripheld van de hand van Hergè verschijnt "Totor". Na zijn dienstplicht wordt hij in 1928 hoofdredacteur van Le Petit Vingtieme de jeugdbijlage van Le Vingtieme Siecle, de meest beroemde striphelden Tintin et Milou, Kuifje en Bobbie zien op 10 januari 1929 het levenslicht in dit tijdschrift.
In 1930 creëert Herge Quick en Flipke twee Brusselse straatjongens, in het zelfde jaar verschijn: "Kuifje en de Sovjets".
In 1932 trouwde Hergè met Germaine Kieckens de secretaresse van de directeur van Le Vingtieme Siecle. Casterman wordt de uitgever van de avonturen van Kuifje en zal dat blijven doen ( 64 bladzijden in kleur per album). Herge gaat zich steeds meer van veel documentatie voorzien en beseft het belang van een stevig scenario. In 1935 zien Jo, Suus en Jokko het licht (5 albums).
Rond de publicatie van de "Blauwe Lotus" wordt Hergè uitgenodigd door de echtgenote van Tsang Kai-Shek voor een bezoek aan China de Tweede Wereldoorlog gooit echter roet in het eten.
Vlak na de oorlog verschijnt het maandblad "Kuifje" dat ook in Nederland zijn weg vindt.
In 1950 worden de Studios Hergè opgericht de strips vergen nl. steeds meer technische middelen en research, zeker voor de "Mannen op de Maan". In 1958 verschijnt "Kuifje in Tibet" dit ondanks een diepe crises in zijn persoonlijke leven. Kuifje wordt een filmheld in 1960 verschijnt de speelfilm: "Kuifje en het geheim van het Gulden Vlies" in 1964 gevolgd door:" Kuifje en de blauwe Sinaasappels".
Hergè bezoekt in 1973 Taiwan, in 1976 wordt in Brussel een standbeeld voor Kuifje en Bobbie onthuld, in 1979 wordt de 50ste verjaardag van de stripheld gevierd. Op de 65ste verjaardag van Herge wordt er een planeet naar hem vernoemd. Georges Remi overlijd op 3 mei 1983.  

Hergè kreeg een standbeeld en een museum in Louvain-La-Neuve, Hergè is niet alleen Kuifje, maar ook illustrator, letterontwerper, publicist, karikaturist en verteller.
Kuifje blijft alom reuze populair, voor de eerste oplages van zijn strips worden astronomische bedragen neergeteld, wereldwijd zijn er diverse fanclubs. 

Er verschenen in totaal 24 Kuifje albums, waarvan Kuifje en de Alfa Kunst onvoltooid is, met als hoofdpersonen: Kapitein Haddock, Jansen en Janssen en professor Zonnebloem.


Hergè: Raket naar de Maan

donderdag 16 juni 2016

Willy Vandersteen de vader van Suske en Wiske.

Suske en Wiske

Willebrord Jan Frans Maria (Willy) Vandersteen werd op 15 februari 1913 in Antwerpen geboren.
Al tijdens zijn kindertijd toonde Willy aanleg voor tekenen, van zijn leraren kreeg hij later te horen dat het enige waar hij goed in was, tekenen en opstellen schrijven was en dat je daar nooit je brood mee zou kunnen verdienen. Na zijn schooltijd volgde hij avondlessen aan de Antwerpse Academie voor Schone Kunsten en overdag hielp hij zijn vader die beeldhouwer/ornament maker was.
Willy besloot eerst timmerman en later decorateur te worden, een Amerikaans tijdschrift inspireerde hem striptekenaar te worden.
Omdat Amerikaanse tekenstrips in de oorlog door de Duitsers werden verboden kreeg Willy de kans enkele strips te maken voor de krant, ook publiceerde hij spotprenten.
Een vriend die inmiddels uitgever was geworden vroeg Vandersteen of hij een stripalbum kon tekenen zo verscheen: Piwo, het houten paard (waar hij 1 week over deed). Later volgden nog 4 boekjes die door Casterman in het Frans werden uitgegeven.
In 1944 ging Vandersteen naar de Standaard uitgeverij met een stripverhaal rond twee figuren: Rikki en Wiske, hij wilde dat de strips, in navolging van America, in de krant zouden verschijnen.
Op 30 maart 1945 verscheen de strip voor het eerst in de Nieuwe Standaard, Vandersteen was niet tevreden met Rikki en veranderde het in Suske en al snel maakte tante Sidonia haar opwachting in 1947 gevolgd door Lambik en Jerom in 1953.
Suske en Wiske werd zo'n succes dat de mensen alleen de kranten kochten om de strips, toen Vandersteen met zijn strips van krant veranderde werd hij gevolgd door een groot aantal (schatting 25.000) abonnees, uit die tijd stamt tevens de gewoonte de krant van achteren naar voren te lezen, eerst Suske en Wiske daarna de rest van het nieuws.
Tussen 1948 en 1959 ging Willy Vandersteen voor het weekblad Kuifje werken, hij tekende verschillende verhalen rond Suske en Wiske die later in een blauwe kaft gebundeld zouden worden en daarom bekend staan als de blauwe reeks. De hoge eisen die Hergè aan de strips van Vandersteen stelde: minder volks en verzorgd tekenwerk  zorgden ervoor dat deze reeks tot de hoogte punten uit Vandersteen's carrière mag worden gerekend. In 1959 ontstond de Studio Vandersteen, Willy kon al het werk aan zijn verschillende strips niet alleen af en liet inkten, kleuren, de belettering en het tekenen van de decors over aan anderen, strips die niet aansloegen liet hij vallen. Bekend zijn (in Nederland wat minder): Ridder Gloriant, de Viking, de familie Snoek en Tijl-Uilenspiegel.
De televisiehond Lassie stond als voorbeeld voor de tekenstrip Bessy die ook in Duitsland verscheen, later stond de T.V. serie Daktari model voor de tekenstrip Safari.
In 1974 zette Paul Geerts de serie Suske en Wiske voort, Vandersteen ging verder aan "Robert en Bertrand" na enkele succesvolle jaren stopte hij de serie en startte in 1985 met "de Geuzen".
Op 28 augustus 1990 overleed Willy Vandersteen.
Sinds 1999 verzorgt een wisselend team van Studio Vandersteen de albums. Momenteel is Studio Vandersteen bezig met het 335ste album van de Suske en Wiske reeks: "Het lederen monster". Veel van de strips bevatten humor en spanning maar ook woordspelingen zoals wij dat bij "Tom Poes" van Marten Toonder tegen komen.

In 1978 kregen Suske en Wiske een standbeeld in de Antwerpse dierentuin.
Tussen 1993 en 2003 is er zelfs een weekblad rond Suske en Wiske geweest, tot twee maal toe werd een strip tot musical verwerkt: "de Spokenjagers" en de "Circusbaron". In 2004 werd de film "de duistere diamant" en in 2009 een 3D film "de Texas Rakkers" gemaakt.
Sedert 1997 is er een Suske en Wiske kindermuseum in Kalmhout, het is gevestigd op het adres waar Willy Vandersteen woonde en waar zijn studio nog is gevestigd.